BWBR0035122
Geldig vanaf 01-10-2017
Artikel 7
Reglement Stimuleringsmaatregel Filmproductie in Nederland van de Stichting Nederlands Fonds voor de Film
1. Uitsluitend aanvragen voor filmproducties, die voldoen aan de gestelde voorwaarden van dit reglement en het vereiste minimumaantal punten behalen op grond van het puntensysteem komen in aanmerking voor een financiële bijdrage. Het vereiste minimumaantal punten wordt jaarlijks, voor het daarop volgende kalenderjaar, door het bestuur vastgesteld en gepubliceerd op de website van het Fonds www.filmfonds.nl.
2. Uitsluitend aanvragen voor filmproducties waarvan de productiekosten tenminste 1 miljoen euro bedragen komen in aanmerking voor een financiële bijdrage. Indien de aanvraag een documentairefilm betreft, bedragen de productiekosten tenminste 250.000 euro.
3. Uitsluitend aanvragen voor filmproducties met een bioscoopuitbreng in tenminste Nederland dan wel, in het geval van een internationale coproductie, een bioscoopuitbreng in het land van de hoofdproducent en een (non) theatrical release in Nederland, komen in aanmerking voor een financiële bijdrage.
4. Een financiële bijdrage op grond van dit reglement wordt uitsluitend verleend ter tegemoetkoming in de productiekosten die kwalificeren volgens de kwalificatietoets en aantoonbaar in Nederland zijn besteed en indien deze tenminste 100.000 euro bedragen.
5. Alle in dit reglement genoemde financiële bijdragen en productiekosten zijn exclusief BTW.
6. Een financiële bijdrage kan verder slechts op grond van dit reglement worden verstrekt, indien naar het oordeel van het bestuur:
a.) de financiële bijdrage dient ter dekking van de kosten bij de totstandkoming van de filmproductie voor zover deze kosten niet reeds door een derde partij worden gedekt;
b.) aannemelijk is dat verlening van de financiële bijdrage noodzakelijk is voor het bereiken van het doel van de aanvraag;
c.) aannemelijk is dat de filmproductie overeenkomstig het in artikel 2, eerste lid, neergelegde doel gerealiseerd kan worden conform de in de aanvraag begrote uitgaven en dat de begrote uitgaven redelijk, kostenefficiënt en marktconform zijn;
d.) het bij de aanvraag overgelegde financieringsplan haalbaar en solide is;
e.) voldoende vertrouwen bestaat dat het filmplan naar behoren zal worden uitgevoerd;
f.) de filmproductie waarvoor een financiële bijdrage wordt gevraagd ten tijde van verlening van de financiële bijdrage niet reeds geheel of gedeeltelijk in productie is gegaan of in openbaarheid is gebracht;
g.) de financiële bijdrage niet ter dekking dient van kosten die zijn gemaakt in de periode gelegen voor de betreffende indiendatum van de aanvraag;
h.) in geval de aanvraag betreft een internationale coproductie, deze voldoet aan de definitie in artikel 1;
i.) aannemelijk is dat de aanvrager aan de in dit reglement vermelde verplichtingen kan voldoen;
j.) de publieksprognose onderbouwd is door het filmplan met alle daartoe behorende bijlagen en stukken;
k.) 50 procent van de benodigde financiering van de productiekosten reeds bij aanvraag onvoorwaardelijk en aantoonbaar is toegezegd door derden in de vorm van bestuursbesluiten en/of schriftelijke financiële toezeggingen van derden;
l.) de aanvrager of, wanneer de aanvraag een internationale coproductie betreft de majoritaire producent, beschikt over de exclusieve (optie op) verfilmings- en exploitatierechten die noodzakelijk zijn voor de realisering en exploitatie van de filmproductie;
m.) in geval de aanvraag een internationale coproductie betreft de aanvrager in beginsel zal beschikken over de distributierechten voor tenminste Nederland;
n.) de aanvrager als minoritair of majoritair producent mede verantwoordelijk is voor de creatieve en productionele totstandkoming van de filmproductie;
o.) in geval de aanvraag een internationale coproductie betreft en de aanvrager naar het oordeel van het bestuur beschikt over aantoonbare ervaring bij het adequaat tot stand brengen van internationale coproducties.
7. Niettegenstaande het bepaalde in het zesde lid van dit artikel onder f.) en g.) kan het bestuur naar aanleiding van een gemotiveerd en schriftelijk verzoek van de aanvrager beslissen een bijdrage te verstrekken aan een filmproductie die ten tijde van verlening van de financiële bijdrage geheel of gedeeltelijk in productie is gegaan. Het bepaalde in de slotzin van artikel 13, tweede lid, is hierop van overeenkomstige toepassing.
2. Uitsluitend aanvragen voor filmproducties waarvan de productiekosten tenminste 1 miljoen euro bedragen komen in aanmerking voor een financiële bijdrage. Indien de aanvraag een documentairefilm betreft, bedragen de productiekosten tenminste 250.000 euro.
3. Uitsluitend aanvragen voor filmproducties met een bioscoopuitbreng in tenminste Nederland dan wel, in het geval van een internationale coproductie, een bioscoopuitbreng in het land van de hoofdproducent en een (non) theatrical release in Nederland, komen in aanmerking voor een financiële bijdrage.
4. Een financiële bijdrage op grond van dit reglement wordt uitsluitend verleend ter tegemoetkoming in de productiekosten die kwalificeren volgens de kwalificatietoets en aantoonbaar in Nederland zijn besteed en indien deze tenminste 100.000 euro bedragen.
5. Alle in dit reglement genoemde financiële bijdragen en productiekosten zijn exclusief BTW.
6. Een financiële bijdrage kan verder slechts op grond van dit reglement worden verstrekt, indien naar het oordeel van het bestuur:
a.) de financiële bijdrage dient ter dekking van de kosten bij de totstandkoming van de filmproductie voor zover deze kosten niet reeds door een derde partij worden gedekt;
b.) aannemelijk is dat verlening van de financiële bijdrage noodzakelijk is voor het bereiken van het doel van de aanvraag;
c.) aannemelijk is dat de filmproductie overeenkomstig het in artikel 2, eerste lid, neergelegde doel gerealiseerd kan worden conform de in de aanvraag begrote uitgaven en dat de begrote uitgaven redelijk, kostenefficiënt en marktconform zijn;
d.) het bij de aanvraag overgelegde financieringsplan haalbaar en solide is;
e.) voldoende vertrouwen bestaat dat het filmplan naar behoren zal worden uitgevoerd;
f.) de filmproductie waarvoor een financiële bijdrage wordt gevraagd ten tijde van verlening van de financiële bijdrage niet reeds geheel of gedeeltelijk in productie is gegaan of in openbaarheid is gebracht;
g.) de financiële bijdrage niet ter dekking dient van kosten die zijn gemaakt in de periode gelegen voor de betreffende indiendatum van de aanvraag;
h.) in geval de aanvraag betreft een internationale coproductie, deze voldoet aan de definitie in artikel 1;
i.) aannemelijk is dat de aanvrager aan de in dit reglement vermelde verplichtingen kan voldoen;
j.) de publieksprognose onderbouwd is door het filmplan met alle daartoe behorende bijlagen en stukken;
k.) 50 procent van de benodigde financiering van de productiekosten reeds bij aanvraag onvoorwaardelijk en aantoonbaar is toegezegd door derden in de vorm van bestuursbesluiten en/of schriftelijke financiële toezeggingen van derden;
l.) de aanvrager of, wanneer de aanvraag een internationale coproductie betreft de majoritaire producent, beschikt over de exclusieve (optie op) verfilmings- en exploitatierechten die noodzakelijk zijn voor de realisering en exploitatie van de filmproductie;
m.) in geval de aanvraag een internationale coproductie betreft de aanvrager in beginsel zal beschikken over de distributierechten voor tenminste Nederland;
n.) de aanvrager als minoritair of majoritair producent mede verantwoordelijk is voor de creatieve en productionele totstandkoming van de filmproductie;
o.) in geval de aanvraag een internationale coproductie betreft en de aanvrager naar het oordeel van het bestuur beschikt over aantoonbare ervaring bij het adequaat tot stand brengen van internationale coproducties.
7. Niettegenstaande het bepaalde in het zesde lid van dit artikel onder f.) en g.) kan het bestuur naar aanleiding van een gemotiveerd en schriftelijk verzoek van de aanvrager beslissen een bijdrage te verstrekken aan een filmproductie die ten tijde van verlening van de financiële bijdrage geheel of gedeeltelijk in productie is gegaan. Het bepaalde in de slotzin van artikel 13, tweede lid, is hierop van overeenkomstige toepassing.
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0035122
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl