BWBR0035122
Geldig vanaf 20-05-2014
Artikel 5
Reglement Stimuleringsmaatregel Filmproductie in Nederland van de Stichting Nederlands Fonds voor de Film
1. Aanvragen op grond van dit reglement worden gedaan door een productiemaatschappij die aantoonbaar op continue basis actief is geweest op het gebied van productie en exploitatie van filmproducties die primair gericht waren op een bioscoopuitbreng in Nederland, een Lidstaat van de Europese Unie, of in een Staat die partij is bij de overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, of in Zwitserland.
2. De aanvrager is rechtsgeldig vertegenwoordigd door een producent die te rekenen vanaf het moment van de aanvraag in een periode van zeven kalenderjaren daarvoor als majoritair producent hoofdverantwoordelijk is geweest voor het produceren van ofwel (i) tenminste twee filmproducties (referentiefilms) in Nederland, een Lidstaat van de Europese Unie, of in een Staat die partij is bij de overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, of in Zwitserland ofwel (ii) één filmproductie (referentiefilm) in hiervoor genoemde regio, mits de betreffende producent onder hoofdverantwoordelijkheid van een andere productiemaatschappij een trackrecord heeft opgebouwd dat naar het oordeel van het bestuur vergelijkbaar is met het hiervoor onder (i) bepaalde. De betreffende producent dient op het moment van de aanvraag gedurende twee jaar of langer beleidsbepalend en (mede)aandeelhouder van de aanvrager te zijn. De referentie film(s) dienen een bioscoopuitbreng in Nederland gehad te hebben.
3. Een mediabedrijf komt niet in aanmerking voor een financiële bijdrage.
2. De aanvrager is rechtsgeldig vertegenwoordigd door een producent die te rekenen vanaf het moment van de aanvraag in een periode van zeven kalenderjaren daarvoor als majoritair producent hoofdverantwoordelijk is geweest voor het produceren van ofwel (i) tenminste twee filmproducties (referentiefilms) in Nederland, een Lidstaat van de Europese Unie, of in een Staat die partij is bij de overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, of in Zwitserland ofwel (ii) één filmproductie (referentiefilm) in hiervoor genoemde regio, mits de betreffende producent onder hoofdverantwoordelijkheid van een andere productiemaatschappij een trackrecord heeft opgebouwd dat naar het oordeel van het bestuur vergelijkbaar is met het hiervoor onder (i) bepaalde. De betreffende producent dient op het moment van de aanvraag gedurende twee jaar of langer beleidsbepalend en (mede)aandeelhouder van de aanvrager te zijn. De referentie film(s) dienen een bioscoopuitbreng in Nederland gehad te hebben.
3. Een mediabedrijf komt niet in aanmerking voor een financiële bijdrage.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0035122
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl