BWBR0034025
Geldig vanaf 2014-01-01
Artikel 6
Beleidsregel afgifte EVC-verklaringen 2014
1. De Minister geeft een verlenging van de EVC-verklaring af nadat is voldaan aan de volgende voorwaarden:
a. het verzoek om verlenging is uiterlijk op 1 mei 2016 schriftelijk of elektronisch ontvangen door DUO;
b. het verzoek bevat de (handels)naam van de EVC-aanbieder, de aanduiding van het desbetreffende domein en voor welke standaarden binnen dit domein de EVC-aanbieder in elk geval EVC-procedures gaat aanbieden;
c. bij het verzoek wordt een deugdelijk beoordelingsrapport van een beoordelende organisatie overgelegd, dat op het tijdstip van overlegging niet ouder is dan 6 maanden;
d. de EVC-procedure voldoet voor het desbetreffende domein, waarvoor de verlenging van de EVC-verklaring wordt gevraagd, aan de onderdelen 3.10, 4.3, 4.4, 4.5, 5.1 tot en met 5.3 van de normtekst; en
e. de EVC-verklaring als bedoeld in artikel 4 is op het tijdstip waarop het verzoek schriftelijk of elektronisch door DUO is ontvangen niet vervallen.
2. Indien de Minister ten aanzien van een verzoek om verlenging vaststelt dat niet wordt voldaan aan alle in het eerste lid genoemde voorwaarden wijst hij het verzoek af.
3. De beoordeling van de in het eerste lid, onder d, bedoelde onderdelen van de normtekst vindt plaats op basis van de daadwerkelijk uitgevoerde EVC-procedures.
4. Met een verzoek om verlenging kan voor meerdere domeinen een verlenging van de EVC-verklaring aangevraagd worden. In dat geval dient per domein voldaan te worden aan de in het eerste lid genoemde voorwaarden. Per domein wordt een verlenging van de EVC-verklaring afgegeven.
5. Indien een EVC-verklaring voor een domein is afgegeven is de EVC-aanbieder niet gehouden alle standaarden ressorterend onder dat domein te verzorgen.
6. De Minister beslist binnen twee maanden nadat het verzoek tot verlenging is ontvangen door DUO op het verzoek.
a. het verzoek om verlenging is uiterlijk op 1 mei 2016 schriftelijk of elektronisch ontvangen door DUO;
b. het verzoek bevat de (handels)naam van de EVC-aanbieder, de aanduiding van het desbetreffende domein en voor welke standaarden binnen dit domein de EVC-aanbieder in elk geval EVC-procedures gaat aanbieden;
c. bij het verzoek wordt een deugdelijk beoordelingsrapport van een beoordelende organisatie overgelegd, dat op het tijdstip van overlegging niet ouder is dan 6 maanden;
d. de EVC-procedure voldoet voor het desbetreffende domein, waarvoor de verlenging van de EVC-verklaring wordt gevraagd, aan de onderdelen 3.10, 4.3, 4.4, 4.5, 5.1 tot en met 5.3 van de normtekst; en
e. de EVC-verklaring als bedoeld in artikel 4 is op het tijdstip waarop het verzoek schriftelijk of elektronisch door DUO is ontvangen niet vervallen.
2. Indien de Minister ten aanzien van een verzoek om verlenging vaststelt dat niet wordt voldaan aan alle in het eerste lid genoemde voorwaarden wijst hij het verzoek af.
3. De beoordeling van de in het eerste lid, onder d, bedoelde onderdelen van de normtekst vindt plaats op basis van de daadwerkelijk uitgevoerde EVC-procedures.
4. Met een verzoek om verlenging kan voor meerdere domeinen een verlenging van de EVC-verklaring aangevraagd worden. In dat geval dient per domein voldaan te worden aan de in het eerste lid genoemde voorwaarden. Per domein wordt een verlenging van de EVC-verklaring afgegeven.
5. Indien een EVC-verklaring voor een domein is afgegeven is de EVC-aanbieder niet gehouden alle standaarden ressorterend onder dat domein te verzorgen.
6. De Minister beslist binnen twee maanden nadat het verzoek tot verlenging is ontvangen door DUO op het verzoek.