BWBR0033968
Geldig vanaf 02-10-2013
Artikel 2:22
Beleidsregel toepassing richtsnoeren ESA’s Wft
1. Een bank of bijkantoor als bedoeld in artikel 3:17, eerste lid of 3:23, tweede lid van de wet, onderscheidenlijk een gemengde financiële holding, financiële holding of verzekeringsholding met zetel in Nederland, voert een in procedures en maatregelen vastgelegd beleid gericht op een onderbouwde beoordeling van de geschiktheid en de betrouwbaarheid van de personen die zij wil benoemen in een functie, bedoeld in artikel 3:8 of 3:9 van de Wft, of in een andere integriteitsgevoelige functie, met inachtneming van de richtsnoeren van EBA zoals opgenomen in EBAGuidelines on the assessment of the suitability of members of the management body and key function holders, EBA/GL/2012/06, van 22 november 2012.
2. Onverminderd artikel 6 van het Bpr, onderscheidenlijk de Beleidsregel geschiktheid 2012, neemt DNB bij de beoordeling van de betrouwbaarheid of van de geschiktheid voor de toepassing van de Wft de in het eerste lid bedoelde richtsnoeren in aanmerking.
2. Onverminderd artikel 6 van het Bpr, onderscheidenlijk de Beleidsregel geschiktheid 2012, neemt DNB bij de beoordeling van de betrouwbaarheid of van de geschiktheid voor de toepassing van de Wft de in het eerste lid bedoelde richtsnoeren in aanmerking.
- Citeren als
- Art. 2:22
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0033968
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl