BWBR0033642
Geldig vanaf 08-07-2013
Artikel 5
Beleidsregel vergunningverlening van de NIWO
1. De vakbekwaamheid wordt ingebracht door een persoon, de vervoersmanager, die de vereiste kennis bezit. Dit wordt aangetoond met een vakdiploma.
2. Ter voldoening aan de eis van vakbekwaamheid dient een erkend vakdiploma te worden overgelegd.
3. De onderneming wijst in beginsel een interne vervoersmanager aan. Wanneer zij niet beschikt over een interne vervoersmanager, kan zij een externe vervoersmanager aanstellen.
4. Een interne vervoersmanager moet:
a. een woonplaats in de Europese Unie hebben;
b. de daadwerkelijke en permanente leiding geven aan de vervoersactiviteiten van de onderneming;
c. een reële band met de onderneming hebben (bijvoorbeeld als werknemer, directeur, eigenaar).
5. Een externe vervoersmanager moet:
a. een woonplaats in de Europese Unie hebben;
b. de daadwerkelijke en permanente leiding geven aan de vervoersactiviteiten van de onderneming;
c. op grond van een contract werkzaam zijn waarin in ieder geval diens verantwoordelijkheden als vervoersmanager worden bepaald en de taken worden omschreven die die persoon moet uitvoeren. De in het contract omschreven taken bestaan met name uit het beheren van het voertuigonderhoud, de controle van de vervoerscontracten en vervoersdocumenten, de basisboekhouding, de toewijzing van ladingen of diensten aan de bestuurders en vrachtauto’s en controle van de veiligheidsprocedures;
d. in de hoedanigheid van vervoersmanager, geen beheerder van vervoersactiviteiten zijn van meer dan vier verschillende vervoersondernemingen met een totaal wagenpark van maximaal vijftig vrachtauto’s.
6. De NIWO beoordeelt de externe vervoersmanager in ieder geval aan de hand van bewijsstukken met betrekking tot:
a. managementovereenkomst, waarin in ieder geval diens verantwoordelijkheden als vervoersmanager worden bepaald en de taken worden omschreven die deze persoon daadwerkelijk en op permanente wijze moet uitvoeren, zoals omschreven in lid 5;
b. redelijke beloning, waarbij wordt aangesloten bij de relevante functieklassen uit de CAO;
c. het aantal uren dat de vervoersmanager gemiddeld per week beschikbaar is voor de onderneming;
d. een in het Handelsregister ingeschreven volmacht ten aanzien van de in lid 5 onder c bedoelde vervoersactiviteiten;
e. het maximale aantal van vier verschillende vervoersondernemingen met een totaal wagenpark van maximaal vijftig vrachtauto’s, dat de vervoersmanager in de hoedanigheid van vervoersmanager mag beheren.
7. Indien de NIWO vaststelt dat niet langer aan de eis van vakbekwaamheid wordt voldaan, kan er op verzoek van de aanvrager een maximale termijn van zes maanden worden verleend om een nieuwe vervoersmanager aan te trekken. De termijn van zes maanden kan met drie maanden worden verlengd bij overlijden of lichamelijke ongeschiktheid van de vervoersmanager. Hiertoe dient een afschrift van de overlijdensakte of een medische verklaring te worden overgelegd.
8. De in lid 7 bedoelde termijn vangt bij een aanvraag voor verlenging van een communautaire vergunning aan met ingang van de dag na die waarop een communautaire vergunning expireert.
9. Indien de in lid 7 bedoelde termijn wordt verleend, wordt een communautaire vergunning geacht te zijn verlengd voor die termijn en stelt de NIWO de aanvrager in het bezit van gewaarmerkte, tijdelijke afschriften.
2. Ter voldoening aan de eis van vakbekwaamheid dient een erkend vakdiploma te worden overgelegd.
3. De onderneming wijst in beginsel een interne vervoersmanager aan. Wanneer zij niet beschikt over een interne vervoersmanager, kan zij een externe vervoersmanager aanstellen.
4. Een interne vervoersmanager moet:
a. een woonplaats in de Europese Unie hebben;
b. de daadwerkelijke en permanente leiding geven aan de vervoersactiviteiten van de onderneming;
c. een reële band met de onderneming hebben (bijvoorbeeld als werknemer, directeur, eigenaar).
5. Een externe vervoersmanager moet:
a. een woonplaats in de Europese Unie hebben;
b. de daadwerkelijke en permanente leiding geven aan de vervoersactiviteiten van de onderneming;
c. op grond van een contract werkzaam zijn waarin in ieder geval diens verantwoordelijkheden als vervoersmanager worden bepaald en de taken worden omschreven die die persoon moet uitvoeren. De in het contract omschreven taken bestaan met name uit het beheren van het voertuigonderhoud, de controle van de vervoerscontracten en vervoersdocumenten, de basisboekhouding, de toewijzing van ladingen of diensten aan de bestuurders en vrachtauto’s en controle van de veiligheidsprocedures;
d. in de hoedanigheid van vervoersmanager, geen beheerder van vervoersactiviteiten zijn van meer dan vier verschillende vervoersondernemingen met een totaal wagenpark van maximaal vijftig vrachtauto’s.
6. De NIWO beoordeelt de externe vervoersmanager in ieder geval aan de hand van bewijsstukken met betrekking tot:
a. managementovereenkomst, waarin in ieder geval diens verantwoordelijkheden als vervoersmanager worden bepaald en de taken worden omschreven die deze persoon daadwerkelijk en op permanente wijze moet uitvoeren, zoals omschreven in lid 5;
b. redelijke beloning, waarbij wordt aangesloten bij de relevante functieklassen uit de CAO;
c. het aantal uren dat de vervoersmanager gemiddeld per week beschikbaar is voor de onderneming;
d. een in het Handelsregister ingeschreven volmacht ten aanzien van de in lid 5 onder c bedoelde vervoersactiviteiten;
e. het maximale aantal van vier verschillende vervoersondernemingen met een totaal wagenpark van maximaal vijftig vrachtauto’s, dat de vervoersmanager in de hoedanigheid van vervoersmanager mag beheren.
7. Indien de NIWO vaststelt dat niet langer aan de eis van vakbekwaamheid wordt voldaan, kan er op verzoek van de aanvrager een maximale termijn van zes maanden worden verleend om een nieuwe vervoersmanager aan te trekken. De termijn van zes maanden kan met drie maanden worden verlengd bij overlijden of lichamelijke ongeschiktheid van de vervoersmanager. Hiertoe dient een afschrift van de overlijdensakte of een medische verklaring te worden overgelegd.
8. De in lid 7 bedoelde termijn vangt bij een aanvraag voor verlenging van een communautaire vergunning aan met ingang van de dag na die waarop een communautaire vergunning expireert.
9. Indien de in lid 7 bedoelde termijn wordt verleend, wordt een communautaire vergunning geacht te zijn verlengd voor die termijn en stelt de NIWO de aanvrager in het bezit van gewaarmerkte, tijdelijke afschriften.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0033642
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl