BWBR0033308
Geldig vanaf 2013-04-24
Artikel 12
Regeling aanvraag- en verdeelprocedure vergunningen kavels A7, B38 en C08 met bijbehorende vergunningen voor digitale radio-omroep
1. Een aanvrager die vergunning kavel A7, vergunning B38 of vergunning kavel C08 verkrijgt, betaalt het door hem voor de vergunning uitgebrachte bod dat op grond van artikel 11is aangemerkt als hoogste toewijsbare bod, uiterlijk zes weken na het tijdstip van de vergunningverlening.
2. Indien op verzoek van de verkrijger van de vergunning in afwijking van het eerste lid uitstel van betaling wordt verleend, wordt aan de beschikking tot uitstel van betaling het voorschrift verbonden dat het verschuldigde bedrag wordt betaald in vier gelijke termijnen waarvan de eerste termijn zes weken na het tijdstip van de vergunningverlening vervalt en de daaropvolgende termijnen steeds jaarlijks vervallen op 1 september, voor het eerst op 1 september 2014.
3. Betalingen worden verricht door overmaking op bankrekeningnummer 569994039, IBAN: NL49RBOS0569994039, SWIFT: RBOSNL2A, ten name van Ministerie van Economische Zaken, Agentschap Telecom, Afdeling Finance & Control, onder vermelding van de desbetreffende vergunning.
4. De minister kan een geldschuld jegens de aanvrager die verband houdt met een bij of krachtens hoofdstuk 3 van de Telecommunicatiewetgenomen besluit, verrekenen met een vordering op grond van het eerste of het tweede lid.
2. Indien op verzoek van de verkrijger van de vergunning in afwijking van het eerste lid uitstel van betaling wordt verleend, wordt aan de beschikking tot uitstel van betaling het voorschrift verbonden dat het verschuldigde bedrag wordt betaald in vier gelijke termijnen waarvan de eerste termijn zes weken na het tijdstip van de vergunningverlening vervalt en de daaropvolgende termijnen steeds jaarlijks vervallen op 1 september, voor het eerst op 1 september 2014.
3. Betalingen worden verricht door overmaking op bankrekeningnummer 569994039, IBAN: NL49RBOS0569994039, SWIFT: RBOSNL2A, ten name van Ministerie van Economische Zaken, Agentschap Telecom, Afdeling Finance & Control, onder vermelding van de desbetreffende vergunning.
4. De minister kan een geldschuld jegens de aanvrager die verband houdt met een bij of krachtens hoofdstuk 3 van de Telecommunicatiewetgenomen besluit, verrekenen met een vordering op grond van het eerste of het tweede lid.