Artikel 1
1. Deze wet verstaat onder:
a. de wet: de Archiefwet 1995;
b. het besluit: het Archiefbesluit 1995;
c. OPTA: Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit;
d. het college: het college van OPTA is belast met de wettelijke taken en bevoegdheden welke zijn omschreven in de Wet Onafhankelijk post en telecommunicatie autoriteit (Stb. 1997, 320);
e. de afdelingen: de afdelingen Eindgebruikersmarkt, Interconnectie en Bijzondere Toegang, Nummers en Registraties, Juridische Zaken, Communicatie, Strategie en Coördinatie en Bedrijfsvoering verdeeld in onderdelen: clusters, productgroepen, taakgroepen, secties, commissies, werkgroepen, projectgroepen en functionarissen voorzover zij op enigerlei wijze documenten onder zich hebben, anders dan voor de behandeling van de aan hen opgedragen nog niet afgedane zaken;
f. de secretaris: de secretaris van het college;
g. het rijksarchief: de rijksarchiefbewaarplaats als bedoeld in artikel 26, tweede lid, van de wet;
h. documenten: de in de wet artikel 1, onder c bedoelde archiefbescheiden, voorzover deze nog niet zijn overgebracht naar het rijksarchief met inbegrip van de hierna omschreven formele e-mail;
i. formele e-mail: digitale berichten bestemd voor of afkomstig van de afdelingen, welke door functionarissen worden verzonden en ontvangen;
j. beheer: het treffen van maatregelen en het aanbrengen van voorzieningen die nodig zijn om documenten in goede, geordende en toegankelijke staat te brengen en te bewaren;
k. informatiebestand: documenten, waarin een bepaalde fysieke of logische ordening is aangebracht of met een hulpmiddel gebracht kan worden;
l. informatievoorziening: het geheel van handelingen, samenhangend met de inrichting en het beheer van informatiesystemen en documenten;
m. selectielijst: de selectielijst welke ingevolge artikel 5, eerste lid, van de wet van toepassing is;
n. de regeling: de Regeling geordende en toegankelijke staat archiefbescheiden.
2. De regeling is mede van toepassing op documenten die ingevolge de selectielijst voor vernietiging in aanmerking komen, tenzij in dit besluit anders is bepaald.
a. de wet: de Archiefwet 1995;
b. het besluit: het Archiefbesluit 1995;
c. OPTA: Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit;
d. het college: het college van OPTA is belast met de wettelijke taken en bevoegdheden welke zijn omschreven in de Wet Onafhankelijk post en telecommunicatie autoriteit (Stb. 1997, 320);
e. de afdelingen: de afdelingen Eindgebruikersmarkt, Interconnectie en Bijzondere Toegang, Nummers en Registraties, Juridische Zaken, Communicatie, Strategie en Coördinatie en Bedrijfsvoering verdeeld in onderdelen: clusters, productgroepen, taakgroepen, secties, commissies, werkgroepen, projectgroepen en functionarissen voorzover zij op enigerlei wijze documenten onder zich hebben, anders dan voor de behandeling van de aan hen opgedragen nog niet afgedane zaken;
f. de secretaris: de secretaris van het college;
g. het rijksarchief: de rijksarchiefbewaarplaats als bedoeld in artikel 26, tweede lid, van de wet;
h. documenten: de in de wet artikel 1, onder c bedoelde archiefbescheiden, voorzover deze nog niet zijn overgebracht naar het rijksarchief met inbegrip van de hierna omschreven formele e-mail;
i. formele e-mail: digitale berichten bestemd voor of afkomstig van de afdelingen, welke door functionarissen worden verzonden en ontvangen;
j. beheer: het treffen van maatregelen en het aanbrengen van voorzieningen die nodig zijn om documenten in goede, geordende en toegankelijke staat te brengen en te bewaren;
k. informatiebestand: documenten, waarin een bepaalde fysieke of logische ordening is aangebracht of met een hulpmiddel gebracht kan worden;
l. informatievoorziening: het geheel van handelingen, samenhangend met de inrichting en het beheer van informatiesystemen en documenten;
m. selectielijst: de selectielijst welke ingevolge artikel 5, eerste lid, van de wet van toepassing is;
n. de regeling: de Regeling geordende en toegankelijke staat archiefbescheiden.
2. De regeling is mede van toepassing op documenten die ingevolge de selectielijst voor vernietiging in aanmerking komen, tenzij in dit besluit anders is bepaald.