BWBR0033146
Geldig vanaf 01-06-2012
Artikel 4
Bestuursreglement kansspelautoriteit
1. De voorzitter:
a. roept de raad in vergadering bijeen;
b. bepaalt tijd en plaats van de vergadering in overleg met de overige bestuursleden, met dien verstande dat in beginsel de raad ten kantore van de kansspelautoriteit te Den Haag vergadert;
c. stelt de agenda vast;
d. leidt de vergaderingen van de raad;
e. geeft de directeur aanwijzingen over aangelegenheden die zijn portefeuille betreffen, alsmede over aangelegenheden die één van de andere bestuursleden betreffen.
2. De raad vergadert tenminste tien maal per jaar en verder zo vaak als de voorzitter dat nodig acht, dan wel een van de overige bestuursleden dat onder opgaaf van redenen verlangt.
3. De raad bepaalt wanneer bepaalde medewerkers van de kansspelautoriteit dan wel andere genodigden één of meer vergaderingen van de raad geheel of gedeeltelijk bijwonen.
4. De directeur neemt deel aan de vergaderingen van de raad en heeft daarbij een adviserende stem.
5. De directeur draagt zorg voor een goede verslaglegging van de vergaderingen door een medewerker van de kansspelautoriteit. Het verslag van een vergadering behoeft de goedkeuring van de raad.
6. De vergaderingen zijn niet openbaar. De raad en in dringende gevallen de voorzitter kunnen echter bepaalde medewerkers van de kansspelautoriteit, dan wel andere personen uitnodigen tot deelname aan een vergadering of een onderdeel daarvan.
7. In spoedeisende gevallen kan de raad hetzij schriftelijk, hetzij op andere geschikte wijze vergaderen. Dit is ter beoordeling van de voorzitter. De wijze van besluitvorming wordt alsdan met de besluiten in het verslag vastgelegd.
8. Voorstellen omtrent de orde van de vergadering worden het eerst ter vergadering behandeld.
9. Een lid dat verhinderd is een vergadering bij te wonen, doet hiervan zo spoedig mogelijk mededeling aan de voorzitter.
10. Als de voorzitter verhinderd is, doet hij hiervan zo spoedig mogelijk mededeling aan zijn plaatsvervanger.
a. roept de raad in vergadering bijeen;
b. bepaalt tijd en plaats van de vergadering in overleg met de overige bestuursleden, met dien verstande dat in beginsel de raad ten kantore van de kansspelautoriteit te Den Haag vergadert;
c. stelt de agenda vast;
d. leidt de vergaderingen van de raad;
e. geeft de directeur aanwijzingen over aangelegenheden die zijn portefeuille betreffen, alsmede over aangelegenheden die één van de andere bestuursleden betreffen.
2. De raad vergadert tenminste tien maal per jaar en verder zo vaak als de voorzitter dat nodig acht, dan wel een van de overige bestuursleden dat onder opgaaf van redenen verlangt.
3. De raad bepaalt wanneer bepaalde medewerkers van de kansspelautoriteit dan wel andere genodigden één of meer vergaderingen van de raad geheel of gedeeltelijk bijwonen.
4. De directeur neemt deel aan de vergaderingen van de raad en heeft daarbij een adviserende stem.
5. De directeur draagt zorg voor een goede verslaglegging van de vergaderingen door een medewerker van de kansspelautoriteit. Het verslag van een vergadering behoeft de goedkeuring van de raad.
6. De vergaderingen zijn niet openbaar. De raad en in dringende gevallen de voorzitter kunnen echter bepaalde medewerkers van de kansspelautoriteit, dan wel andere personen uitnodigen tot deelname aan een vergadering of een onderdeel daarvan.
7. In spoedeisende gevallen kan de raad hetzij schriftelijk, hetzij op andere geschikte wijze vergaderen. Dit is ter beoordeling van de voorzitter. De wijze van besluitvorming wordt alsdan met de besluiten in het verslag vastgelegd.
8. Voorstellen omtrent de orde van de vergadering worden het eerst ter vergadering behandeld.
9. Een lid dat verhinderd is een vergadering bij te wonen, doet hiervan zo spoedig mogelijk mededeling aan de voorzitter.
10. Als de voorzitter verhinderd is, doet hij hiervan zo spoedig mogelijk mededeling aan zijn plaatsvervanger.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0033146
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl