BWBR0033092
Geldig vanaf 2013-04-01
Artikel 6
Regeling gegevensuitwisseling ACM en ministers
1. De Minister of de Minister van Infrastructuur en Milieu legt voorgenomen besluiten van algemene strekking welke na invoering van invloed zijn of kunnen zijn op de uitoefening van aan de ACM opgedragen taken ten behoeve van een uitvoeringstoets voor aan de ACM. Is het voorgenomen besluit van algemene strekking niet afkomstig van de Minister of de Minister van Infrastructuur en Milieu, dan verzoekt de Minister de betrokken andere minister de ACM een uitvoeringstoets te laten verrichten.
2. De betrokken minister doet het verzoek om een uitvoeringstoets op een zodanig tijdstip dat de toets van invloed kan zijn op de besluitvorming.
3. Indien geen toepassing wordt gegeven aan het tweede lid, kan de ACM uit eigen beweging een uitvoeringstoets uitvoeren. In dat geval informeert de ACM de betrokken minister over het voornemen daartoe.
4. De ACM verricht de uitvoeringstoets binnen vier weken na het verzoek. In bijzondere gevallen kunnen de betrokken minister en de ACM in onderling overleg een andere termijn vaststellen.
5. In een uitvoeringstoets beziet de ACM het voorgenomen besluit van algemene strekking in ieder geval op:
a. uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid;
b. gevolgen voor de ACM in termen van personeel, organisatie en financiën;
c. mogelijkheden om de doeltreffendheid en doelmatigheid van het voorgenomen besluit van algemene strekking te vergroten.
6. De ACM zendt het resultaat van een uitvoeringstoets aan de betrokken minister. In de toelichting van het betreffende besluit van algemene strekking wordt aangegeven op welke wijze de uitvoeringstoets bij de besluitvorming is betrokken.
7. De ACM maakt de uitvoeringstoets openbaar nadat het betreffende besluit van algemene strekking door de betrokken minister openbaar is gemaakt, tenzij de minister en de ACM anders overeenkomen.
2. De betrokken minister doet het verzoek om een uitvoeringstoets op een zodanig tijdstip dat de toets van invloed kan zijn op de besluitvorming.
3. Indien geen toepassing wordt gegeven aan het tweede lid, kan de ACM uit eigen beweging een uitvoeringstoets uitvoeren. In dat geval informeert de ACM de betrokken minister over het voornemen daartoe.
4. De ACM verricht de uitvoeringstoets binnen vier weken na het verzoek. In bijzondere gevallen kunnen de betrokken minister en de ACM in onderling overleg een andere termijn vaststellen.
5. In een uitvoeringstoets beziet de ACM het voorgenomen besluit van algemene strekking in ieder geval op:
a. uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid;
b. gevolgen voor de ACM in termen van personeel, organisatie en financiën;
c. mogelijkheden om de doeltreffendheid en doelmatigheid van het voorgenomen besluit van algemene strekking te vergroten.
6. De ACM zendt het resultaat van een uitvoeringstoets aan de betrokken minister. In de toelichting van het betreffende besluit van algemene strekking wordt aangegeven op welke wijze de uitvoeringstoets bij de besluitvorming is betrokken.
7. De ACM maakt de uitvoeringstoets openbaar nadat het betreffende besluit van algemene strekking door de betrokken minister openbaar is gemaakt, tenzij de minister en de ACM anders overeenkomen.