BWBR0032775
Geldig vanaf 2013-04-01
Artikel 14
Wet voorraadvorming aardolieproducten 2012
1. Een marktdeelnemer kan de verplichting om een voorraad aardolieproducten aan te houden als onderdeel van de wettelijke voorraad ten minste gedeeltelijk overdragen aan uitsluitend:
a. COVA, mits de overdracht plaatsvindt ten minste 170 dagen voorafgaande aan de termijn waarop de verplichting betrekking heeft;
b. een door een andere lidstaat van de Europese Unie ingestelde centrale entiteit, mits de overdracht plaatsvindt ten minste 170 dagen voorafgaande aan de termijn waarop de verplichting betrekking heeft en die entiteit, Onze Minister en de lidstaat, op het grondgebied waarvan de voorraad zal worden aangehouden, daarmee vooraf hebben ingestemd,
c. een bedrijf op het grondgebied van een andere lidstaat van de Europese Unie, mits Onze Minister en de lidstaat, op het grondgebied waarvan de voorraad zal worden aangehouden, daarmee vooraf hebben ingestemd, dan wel
d. een bedrijf in Nederland, mits de overdracht vooraf aan Onze Minister is gemeld.
2. Wijziging of verlenging van een overdracht als bedoeld in het eerste lid, onder b en c, gaat pas in nadat daarmee is ingestemd door Onze Minister en de betrokken lidstaat.
3. Een overgedragen verplichting als bedoeld in het eerste lid, onder c en d, mag niet verder worden overgedragen.
4. Onze Minister kan aan een overdracht als bedoeld in het eerste lid, onder d, voorschriften en beperkingen verbinden.
5. Wijziging of uitbreiding van een overdracht als bedoeld in het eerste lid, onder d, wordt beschouwd als een nieuwe overdracht.
a. COVA, mits de overdracht plaatsvindt ten minste 170 dagen voorafgaande aan de termijn waarop de verplichting betrekking heeft;
b. een door een andere lidstaat van de Europese Unie ingestelde centrale entiteit, mits de overdracht plaatsvindt ten minste 170 dagen voorafgaande aan de termijn waarop de verplichting betrekking heeft en die entiteit, Onze Minister en de lidstaat, op het grondgebied waarvan de voorraad zal worden aangehouden, daarmee vooraf hebben ingestemd,
c. een bedrijf op het grondgebied van een andere lidstaat van de Europese Unie, mits Onze Minister en de lidstaat, op het grondgebied waarvan de voorraad zal worden aangehouden, daarmee vooraf hebben ingestemd, dan wel
d. een bedrijf in Nederland, mits de overdracht vooraf aan Onze Minister is gemeld.
2. Wijziging of verlenging van een overdracht als bedoeld in het eerste lid, onder b en c, gaat pas in nadat daarmee is ingestemd door Onze Minister en de betrokken lidstaat.
3. Een overgedragen verplichting als bedoeld in het eerste lid, onder c en d, mag niet verder worden overgedragen.
4. Onze Minister kan aan een overdracht als bedoeld in het eerste lid, onder d, voorschriften en beperkingen verbinden.
5. Wijziging of uitbreiding van een overdracht als bedoeld in het eerste lid, onder d, wordt beschouwd als een nieuwe overdracht.