BWBR0032734
Geldig vanaf 12-01-2013
Artikel 2
Verordening op de Raad voor Toezicht
1. Er is een gezamenlijke Raad voor Toezicht van NIVRA en NOvAA, hierna te noemen: de Raad.
2. De Raad heeft tot taak:
a. het bij wege van mandaat of uit hoofde van volmacht namens de besturen van het NIVRA en de NOvAA houden van toezicht op de beroepsuitoefening door accountants;
b. het gevraagd en ongevraagd adviseren van de besturen van het NIVRA en de NOvAA ten aanzien van de indiening van een klacht als bedoeld in artikel 22 van de Wet tuchtrechtspraak accountants.
3. In de uitoefening van zijn taken wordt de Raad bijgestaan door een secretaris welke wordt aangewezen door de besturen van het NIVRA en de NOvAA.
4. De Raad kan in het kader van zijn taken externe deskundigen, waaronder accountants, inschakelen.
2. De Raad heeft tot taak:
a. het bij wege van mandaat of uit hoofde van volmacht namens de besturen van het NIVRA en de NOvAA houden van toezicht op de beroepsuitoefening door accountants;
b. het gevraagd en ongevraagd adviseren van de besturen van het NIVRA en de NOvAA ten aanzien van de indiening van een klacht als bedoeld in artikel 22 van de Wet tuchtrechtspraak accountants.
3. In de uitoefening van zijn taken wordt de Raad bijgestaan door een secretaris welke wordt aangewezen door de besturen van het NIVRA en de NOvAA.
4. De Raad kan in het kader van zijn taken externe deskundigen, waaronder accountants, inschakelen.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0032734
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl