BWBR0032680
Geldig vanaf 2019-06-15
Artikel 3
Regeling Halt 2013
De Minister kan een rechtspersoon aanwijzen als Halt-bureau, indien deze minstens voldoet aan de volgende voorwaarden:
a. de rechtspersoon voorziet in een landelijke coördinatie en uitvoering van Halt-afdoeningen;
b. de rechtspersoon en zijn onderdelen presenteren zich zowel intern, als extern als een zodanig herkenbare entiteit;
c. de rechtspersoon stelt een begroting, jaarplan, inschatting van het aantal te realiseren Halt-afdoeningen in het komende subsidiejaar en een meerjarenbeleidsplan op;
d. de rechtspersoon houdt een registratie bij van de Halt-afdoeningen met een onderverdeling naar de toegepaste Halt-modules en van de werkzaamheden in het kader van ZSM;
e. de rechtspersoon stelt een meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling vast, zoals beschreven in artikel 19;
f. de rechtspersoon borgt dat de onder hem werkzame personeelsleden voldoen aan de voor hun beroepsuitoefening geldende opleidings- en registratie-eisen, in overeenstemming met de daartoe door de Minister gestelde nadere regels.
a. de rechtspersoon voorziet in een landelijke coördinatie en uitvoering van Halt-afdoeningen;
b. de rechtspersoon en zijn onderdelen presenteren zich zowel intern, als extern als een zodanig herkenbare entiteit;
c. de rechtspersoon stelt een begroting, jaarplan, inschatting van het aantal te realiseren Halt-afdoeningen in het komende subsidiejaar en een meerjarenbeleidsplan op;
d. de rechtspersoon houdt een registratie bij van de Halt-afdoeningen met een onderverdeling naar de toegepaste Halt-modules en van de werkzaamheden in het kader van ZSM;
e. de rechtspersoon stelt een meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling vast, zoals beschreven in artikel 19;
f. de rechtspersoon borgt dat de onder hem werkzame personeelsleden voldoen aan de voor hun beroepsuitoefening geldende opleidings- en registratie-eisen, in overeenstemming met de daartoe door de Minister gestelde nadere regels.