BWBR0032586
Geldig vanaf 01-01-2013
Artikel 3
Regeling eed of belofte financiële sector
1. Het afleggen van de eed geschiedt door voorlezing van de tekst van het formulier bedoeld in artikel 2 door de persoon ten overstaan van wie de eed wordt afgelegd, waarna de persoon die de eed aflegt woordelijk uitspreekt: ‘Zo waarlijk helpe mij God Almachtig’.
2. Het afleggen van de belofte geschiedt door voorlezing van de tekst van het formulier bedoeld in artikel 2 door de persoon ten overstaan van wie de belofte wordt afgelegd, waarna de persoon die de belofte aflegt woordelijk uitspreekt: ‘Dat verklaar en beloof ik’.
2. Het afleggen van de belofte geschiedt door voorlezing van de tekst van het formulier bedoeld in artikel 2 door de persoon ten overstaan van wie de belofte wordt afgelegd, waarna de persoon die de belofte aflegt woordelijk uitspreekt: ‘Dat verklaar en beloof ik’.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0032586
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl