BWBR0032523
Geldig vanaf 2021-04-21
Artikel 1.11
Regeling handhaving en overige zaken Wet dieren
1. De gegevens, bedoeld in artikel 3.3 van de Regeling houders van dierenen artikel 5.11 van de Regeling diergeneeskundigen, die worden gemeld in een register als bedoeld in artikel 1.4, eerste lid, worden verwerkt met als doel het in het belang van de bescherming van diergezondheid en volksgezondheid verkrijgen van inzicht in de aflevering, toepassing en ontvangst van diergeneesmiddelen, het hiermee bevorderen van een verantwoord en weloverwogen gebruik van diergeneesmiddelen en een effectief systeem van toezicht op en handhaving van de regelgeving.
2. Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwetis paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrechtniet van toepassing op een aanwijzing als bedoeld in artikel 1.4, eerste lid.
3. Op een aanvraag tot een aanwijzing als bedoeld in artikel 1.4, eerste lid, wordt binnen zes weken na de datum van ontvangst van de aanvraag beslist.
4. De minister kan de termijn, bedoeld in het derde lid, eenmaal met zes weken verlengen.
5. De informatie, bedoeld in artikel 1.27, tweede lid, van het Besluit houders van dieren, betreft ten minste informatie over:
a. individuele gegevens omtrent het gebruik van antimicrobiële diergeneesmiddelen op basis van de gegevens, bedoeld in artikel 3.4, van de Regeling houders van dieren en artikel 5.11 van de Regeling diergeneeskundigen;
b. algemene gegevens over het gebruik van antimicrobiële diergeneesmiddelen.
2. Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwetis paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrechtniet van toepassing op een aanwijzing als bedoeld in artikel 1.4, eerste lid.
3. Op een aanvraag tot een aanwijzing als bedoeld in artikel 1.4, eerste lid, wordt binnen zes weken na de datum van ontvangst van de aanvraag beslist.
4. De minister kan de termijn, bedoeld in het derde lid, eenmaal met zes weken verlengen.
5. De informatie, bedoeld in artikel 1.27, tweede lid, van het Besluit houders van dieren, betreft ten minste informatie over:
a. individuele gegevens omtrent het gebruik van antimicrobiële diergeneesmiddelen op basis van de gegevens, bedoeld in artikel 3.4, van de Regeling houders van dieren en artikel 5.11 van de Regeling diergeneeskundigen;
b. algemene gegevens over het gebruik van antimicrobiële diergeneesmiddelen.