BWBR0032469
Geldig vanaf 2013-01-01
Artikel 14
Beleidsregels sturing van en toezicht op de Dienst voor het kadaster en de openbare registers, bedoeld in artikel 2 van de Organisatiewet Kadaster
1. Ten behoeve van de goedkeuring van het besluit tot vaststelling van de begroting conform artikel 29 van de Kaderwetbeoordeelt de minister de begroting, zoals dat door de dienst aan de minister is aangeboden na instemming van de raad van toezicht, en besteedt hij daarbij in ieder geval aandacht aan de onderdelen a tot en met f in het tweede lid.
a. volledigheid van de elementen genoemd in artikel 5, tweede lid, van de Regeling sturing van en toezicht op de Dienst;
b. mate van op-/afbouw reserves;
c. (maximale) omvang van de voorzieningen;
d. investeringen van zwaarwegend belang;
e. de onderbouwing van de tarieven;
f. ontwikkelingen in de kwaliteit van de dienstverlening in relatie tot de ontwikkelingen in de bedrijfsvoering.
3. Indien de beoordeling door de minister daartoe aanleiding geeft, overlegt de minister met de Dienst en past de Dienst het meerjarenbeleidsplan aan.
a. volledigheid van de elementen genoemd in artikel 5, tweede lid, van de Regeling sturing van en toezicht op de Dienst;
b. mate van op-/afbouw reserves;
c. (maximale) omvang van de voorzieningen;
d. investeringen van zwaarwegend belang;
e. de onderbouwing van de tarieven;
f. ontwikkelingen in de kwaliteit van de dienstverlening in relatie tot de ontwikkelingen in de bedrijfsvoering.
3. Indien de beoordeling door de minister daartoe aanleiding geeft, overlegt de minister met de Dienst en past de Dienst het meerjarenbeleidsplan aan.