BWBR0032429
Geldig vanaf 2013-01-01
Artikel 6
Regeling materieelbeheer museale voorwerpen 2013
1. Museale voorwerpen worden zodanig beheerd dat het risico van schade aan derden of van aansprakelijkstelling van de Staat door derden zo klein mogelijk wordt gehouden.
2. De Minister of het college inventariseert het risico dat met de museale voorwerpen aanzienlijke schade aan derden kan worden toegebracht of dat het beheer van die voorwerpen aanleiding kan zijn tot aansprakelijkstelling van de Staat door derden met aanzienlijke financiële gevolgen.
3. Aan de hand van de schatting van de kans dat de risico’s, bedoeld in het eerste en tweede lid, zich zullen voordoen, wordt besloten over maatregelen ter voorkoming of beperking van deze risico’s, dan wel tot herstel van de schade of de opvang van de gevolgen van aansprakelijkstelling.
4. De Minister of het college zorgt voor het administreren van gegevens met betrekking tot gevallen van schade of aansprakelijkstelling in verband met het beheer van museale voorwerpen.
5. De gegevens, bedoeld in het vierde lid, worden desgevraagd aan de Minister van OCW overgelegd.
2. De Minister of het college inventariseert het risico dat met de museale voorwerpen aanzienlijke schade aan derden kan worden toegebracht of dat het beheer van die voorwerpen aanleiding kan zijn tot aansprakelijkstelling van de Staat door derden met aanzienlijke financiële gevolgen.
3. Aan de hand van de schatting van de kans dat de risico’s, bedoeld in het eerste en tweede lid, zich zullen voordoen, wordt besloten over maatregelen ter voorkoming of beperking van deze risico’s, dan wel tot herstel van de schade of de opvang van de gevolgen van aansprakelijkstelling.
4. De Minister of het college zorgt voor het administreren van gegevens met betrekking tot gevallen van schade of aansprakelijkstelling in verband met het beheer van museale voorwerpen.
5. De gegevens, bedoeld in het vierde lid, worden desgevraagd aan de Minister van OCW overgelegd.