BWBR0032429
Geldig vanaf 2013-01-01
Artikel 11
Regeling materieelbeheer museale voorwerpen 2013
1. Met het toezicht op de naleving van deze regeling zijn belast de inspecteur en de door de Minister van OCW op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wet tot behoud van cultuurbezitaangewezen ambtenaren.
2. De Minister of het college is gehouden desgevraagd de inlichtingen te verstrekken die de toezichthouders, bedoeld in het eerste lid, voor de uitoefening van het toezicht nodig hebben.
3. De Minister of het college verleent de toezichthouders, bedoeld in het eerste lid, desgevraagd toegang tot de museale voorwerpen die hij beheert en verleent hen desgevraagd inzage in alle daartoe bijgehouden administraties, documenten en andere informatiedragers.
4. De toezichthouders, bedoeld in het eerste lid, melden hun bevindingen aan de Minister of het college en geven daarbij zo nodig aan welke voorzieningen naar hun oordeel dienen te worden getroffen.
5. De inspecteur legt periodiek een samenvatting van de bevindingen, bedoeld in het vierde lid, over aan de Minister van OCW.
2. De Minister of het college is gehouden desgevraagd de inlichtingen te verstrekken die de toezichthouders, bedoeld in het eerste lid, voor de uitoefening van het toezicht nodig hebben.
3. De Minister of het college verleent de toezichthouders, bedoeld in het eerste lid, desgevraagd toegang tot de museale voorwerpen die hij beheert en verleent hen desgevraagd inzage in alle daartoe bijgehouden administraties, documenten en andere informatiedragers.
4. De toezichthouders, bedoeld in het eerste lid, melden hun bevindingen aan de Minister of het college en geven daarbij zo nodig aan welke voorzieningen naar hun oordeel dienen te worden getroffen.
5. De inspecteur legt periodiek een samenvatting van de bevindingen, bedoeld in het vierde lid, over aan de Minister van OCW.