BWBR0032413
Geldig vanaf 2014-01-01
Artikel 7b
Regeling handel in emissierechten
1. De broeikasgasinstallatie die op grond van artikel 27bis van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten op verzoek van de exploitant is uitgesloten van het systeem van handel in broeikasgasemissierechten monitort de emissies van de broeikasgasinstallatie.
2. De exploitant past bij de monitoring van de emissies de volgende methoden en niveaus toe:
a. de standaardmethoden, genoemd in artikel 24, eerste en tweede lid, van de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel;
b. voor de activiteitsgegevens en de berekeningsfactoren minimaal niveau 1 zoals genoemd in bijlage II van de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel;
c. voor de emissies van rookgasreiniging een van de methoden zoals genoemd in bijlage IV, punt 1, onder C, van de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel, en
d. voor de emissies van fakkels de methode zoals genoemd in bijlage IV, punt 1, onder D, van de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel en minimaal niveau 1.
3. Indien de broeikasgasinstallatie in enig kalenderjaar 2.500 ton of meer CO2-equivalenten aan emissies heeft uitgestoten, meldt de exploitant van de broeikasgasinstallatie dit binnen vier weken schriftelijk aan het bestuur van de emissieautoriteit.
4. Indien de overschrijding plaatsvindt in de maand december van enig jaar, wordt de melding uiterlijk op 31 januari van het daarop volgende kalenderjaar gedaan.
2. De exploitant past bij de monitoring van de emissies de volgende methoden en niveaus toe:
a. de standaardmethoden, genoemd in artikel 24, eerste en tweede lid, van de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel;
b. voor de activiteitsgegevens en de berekeningsfactoren minimaal niveau 1 zoals genoemd in bijlage II van de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel;
c. voor de emissies van rookgasreiniging een van de methoden zoals genoemd in bijlage IV, punt 1, onder C, van de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel, en
d. voor de emissies van fakkels de methode zoals genoemd in bijlage IV, punt 1, onder D, van de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel en minimaal niveau 1.
3. Indien de broeikasgasinstallatie in enig kalenderjaar 2.500 ton of meer CO2-equivalenten aan emissies heeft uitgestoten, meldt de exploitant van de broeikasgasinstallatie dit binnen vier weken schriftelijk aan het bestuur van de emissieautoriteit.
4. Indien de overschrijding plaatsvindt in de maand december van enig jaar, wordt de melding uiterlijk op 31 januari van het daarop volgende kalenderjaar gedaan.