BWBR0031788
Geldig vanaf 2017-01-01
Artikel 68a
Politiewet 2012
1. Onze Minister stelt de regels, bedoeld in artikel 68, eerste lid, vast ten aanzien van klachten over gedragingen van:
a. de directeur van de Politieacademie en zijn plaatsvervanger;
b. personen die ten behoeve van de Politieacademie politieonderwijs ontwikkelen en verzorgen, kennis ontwikkelen, onderzoek verrichten of onderwijsondersteunende werkzaamheden verrichten;
c. personen die werkzaamheden verrichten binnen de staf van de Politieacademie.
2. Artikel 68, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
3. Bij ministeriële regeling worden de functies of de categorieën van personen als bedoeld in het eerste lid, onder b en c, aangewezen.
a. de directeur van de Politieacademie en zijn plaatsvervanger;
b. personen die ten behoeve van de Politieacademie politieonderwijs ontwikkelen en verzorgen, kennis ontwikkelen, onderzoek verrichten of onderwijsondersteunende werkzaamheden verrichten;
c. personen die werkzaamheden verrichten binnen de staf van de Politieacademie.
2. Artikel 68, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
3. Bij ministeriële regeling worden de functies of de categorieën van personen als bedoeld in het eerste lid, onder b en c, aangewezen.