BWBR0031524
Geldig vanaf 2012-05-01
Artikel 2
Regeling Audit Committees 2012
1. Het Audit Committee bestaat tenminste uit twee onafhankelijke externe leden, naast de leden uit of namens het departementale management. De betrokken minister benoemt een van de leden van het Audit Committee tot voorzitter.
2. De algemeen directeur ADR of de betrokken directeur DAD en de betrokken directeur FEZ ondersteunen het Audit Committee als deskundigen bij zijn advisering van het departementale management.
3. De Algemene Rekenkamer is agendalid van het Audit Committee. Op verzoek van de Algemene Rekenkamer stelt het Audit Committee de Algemene Rekenkamer in de gelegenheid om de vergaderingen of delen van de vergaderingen van het Audit Committee bij te wonen.
4. Het Audit Committee stelt een profielschets vast voor de werving en selectie van externe leden, rekening houdend met zijn taken en met de gewenste deskundigheid, achtergrond en ervaring van de externe leden. Ten minste één extern lid dient te beschikken over relevante financiële expertise op het terrein van openbare financiën.
5. De externe leden worden geselecteerd op basis van de vastgestelde profielschets voor een maximale zittingsduur die door het Audit Committee is vastgelegd. Het Audit Committee legt de uitkomsten van de selectieprocedure schriftelijk vast.
6. De voorzitter van het Audit Committee draagt de geselecteerde nieuwe externe leden voor benoeming en de verlenging van de zittingsduur van eerder benoemde externe leden voor herbenoeming voor aan de betrokken minister. Ontslag van externe leden binnen de zittingsduur kan slechts worden verleend door de betrokken minister.
7. De externe leden van het Audit Committee kunnen het departementale management verzoeken om ondersteuning en toegang tot alle informatie die zij voor de uitoefening van hun functie nodig vinden. Tevens kunnen de individuele externe leden van het Audit Committee verzoeken om met functionarissen binnen het departement te spreken en in het bijzonder met de betrokken directeur FEZ en de algemeen directeur ADR of de betrokken directeur DAD.
8. De externe leden hebben een geheimhoudingsplicht met betrekking tot alle informatie waarvan zij uit hoofde van hun functie kennis dragen.
2. De algemeen directeur ADR of de betrokken directeur DAD en de betrokken directeur FEZ ondersteunen het Audit Committee als deskundigen bij zijn advisering van het departementale management.
3. De Algemene Rekenkamer is agendalid van het Audit Committee. Op verzoek van de Algemene Rekenkamer stelt het Audit Committee de Algemene Rekenkamer in de gelegenheid om de vergaderingen of delen van de vergaderingen van het Audit Committee bij te wonen.
4. Het Audit Committee stelt een profielschets vast voor de werving en selectie van externe leden, rekening houdend met zijn taken en met de gewenste deskundigheid, achtergrond en ervaring van de externe leden. Ten minste één extern lid dient te beschikken over relevante financiële expertise op het terrein van openbare financiën.
5. De externe leden worden geselecteerd op basis van de vastgestelde profielschets voor een maximale zittingsduur die door het Audit Committee is vastgelegd. Het Audit Committee legt de uitkomsten van de selectieprocedure schriftelijk vast.
6. De voorzitter van het Audit Committee draagt de geselecteerde nieuwe externe leden voor benoeming en de verlenging van de zittingsduur van eerder benoemde externe leden voor herbenoeming voor aan de betrokken minister. Ontslag van externe leden binnen de zittingsduur kan slechts worden verleend door de betrokken minister.
7. De externe leden van het Audit Committee kunnen het departementale management verzoeken om ondersteuning en toegang tot alle informatie die zij voor de uitoefening van hun functie nodig vinden. Tevens kunnen de individuele externe leden van het Audit Committee verzoeken om met functionarissen binnen het departement te spreken en in het bijzonder met de betrokken directeur FEZ en de algemeen directeur ADR of de betrokken directeur DAD.
8. De externe leden hebben een geheimhoudingsplicht met betrekking tot alle informatie waarvan zij uit hoofde van hun functie kennis dragen.