BWBR0031425
Geldig vanaf 2012-04-04
Artikel 4
Besluit mandaat en machtiging inspecteur-generaal van het onderwijs
1. De inspecteur-generaal kan voor de in de artikelen 2en 3bedoelde aangelegenheden ondermandaat en machtiging verlenen aan de aan hem ondergeschikte functionarissen.
2. Het verlenen van ondermandaat en machtiging alsmede wijziging daarvan, geschiedt schriftelijk en wat de formulering betreft in overeenstemming met de directeur Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie.
3. Een afschrift van besluiten inzake ondermandaat en machtiging als bedoeld in het vorige lid wordt gezonden aan de secretaris-generaal en aan de directeur Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie en aan degenen aan wie krachtens het besluit ondermandaat en machtiging is verleend.
2. Het verlenen van ondermandaat en machtiging alsmede wijziging daarvan, geschiedt schriftelijk en wat de formulering betreft in overeenstemming met de directeur Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie.
3. Een afschrift van besluiten inzake ondermandaat en machtiging als bedoeld in het vorige lid wordt gezonden aan de secretaris-generaal en aan de directeur Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie en aan degenen aan wie krachtens het besluit ondermandaat en machtiging is verleend.