BWBR0031390
Geldig vanaf 2012-08-01
Artikel 11
Regeling prestatiebox mbo
1. De aanvullende vergoeding op de bekostiging voor een onderwijsinstelling in een kalenderjaar bestaat uit:
a. een vast bedrag dat per studiejaar kan verschillen, berekend op grond van artikel 12; en
b. een variabel bedrag dat per studiejaar en per categorie beroepsopleiding kan verschillen, berekend op grond van artikel 13.
2. Bij de berekening van het vast bedrag, bedoeld in artikel 12, wordt het aantal deelnemers tot 22 jaar jaarlijks bepaald op grond van de volgende peilmomenten:
a. voor kalenderjaar 2013: op 1 oktober 2011;
b. voor kalenderjaar 2014: op 1 oktober 2012;
c. voor kalenderjaar 2015: op 1 oktober 2013; en
d. voor het kalenderjaar 2016: op 1 oktober 2014.
3. Bij de berekening van het variabel bedrag, bedoeld in artikel 13, wordt het aantal deelnemers tot 22 jaar jaarlijks bepaald op grond van de volgende peilmomenten:
a. voor kalenderjaar 2013: op 1 oktober 2012;
b. voor kalenderjaar 2014: op 1 oktober 2013;
c. voor kalenderjaar 2015: op 1 oktober 2014; en
d. voor het kalenderjaar 2016: op 1 oktober 2015.
a. een vast bedrag dat per studiejaar kan verschillen, berekend op grond van artikel 12; en
b. een variabel bedrag dat per studiejaar en per categorie beroepsopleiding kan verschillen, berekend op grond van artikel 13.
2. Bij de berekening van het vast bedrag, bedoeld in artikel 12, wordt het aantal deelnemers tot 22 jaar jaarlijks bepaald op grond van de volgende peilmomenten:
a. voor kalenderjaar 2013: op 1 oktober 2011;
b. voor kalenderjaar 2014: op 1 oktober 2012;
c. voor kalenderjaar 2015: op 1 oktober 2013; en
d. voor het kalenderjaar 2016: op 1 oktober 2014.
3. Bij de berekening van het variabel bedrag, bedoeld in artikel 13, wordt het aantal deelnemers tot 22 jaar jaarlijks bepaald op grond van de volgende peilmomenten:
a. voor kalenderjaar 2013: op 1 oktober 2012;
b. voor kalenderjaar 2014: op 1 oktober 2013;
c. voor kalenderjaar 2015: op 1 oktober 2014; en
d. voor het kalenderjaar 2016: op 1 oktober 2015.