BWBR0031024
Geldig vanaf 2012-01-01
Artikel IV
Besluit vaststelling Protocol inzake de beheers- en beleidsmatige positie van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (Protocol KIM)
1. De minister en zijn ambtenaren respecteren de uitkomsten van de door het KiM uitgevoerde onderzoeken. Zij verstrekken geen dienstopdrachten aan het KiM om formuleringen, uitkomsten, onderzoeksmethoden of veronderstellingen te veranderen.
2. De onderzoeken van het KiM zijn in principe openbaar en worden geplaatst op de eigen website van het KiM. Het tijdstip van publicatie is in beginsel niet later dan drie maanden na afronding van het onderzoek. In voorkomende gevallen kan hiervan worden afgeweken, bijvoorbeeld als de onderzoeken deel uitmaken van de voorbereiding van een grote beleidsnota, waarbij alle relevante onderzoeksrapporten gelijktijdig met het uitbrengen van de nota worden gepubliceerd. In zulke gevallen zal overleg met de departementsleiding plaatsvinden. Op actieve en passieve openbaarmaking is te allen tijde de Wet Openbaarheid van Bestuurvan toepassing.
3. Door middel van publicatie van dit protocol in de Staatscourant wordt vastgelegd dat de inhoud van de publicaties van het KiM niet het standpunt van de minister van IenM behoeven weer te geven.
4. De persvoorlichting over KiM-rapporten en de beleidsmatige implicaties daarvan wordt verzorgd door de Directie Communicatie van IenM.
5. Directie en medewerkers van het KiM kunnen desgevraagd worden betrokken bij het werk van adviesorganen, zoals de Raad voor Leefomgeving en Infrastructuur. In deze situaties zal de nadruk meestal liggen op het verstrekken van gegevens, uitvoeren van wetenschappelijke analyses en opstellen van prognoses.
6. Medewerkers die namens het KiM optreden, volgen terzake de instructies van de directeur van het KiM. Zij informeren de Directie Communicatie over contacten met de pers of voorgenomen publicaties. Zij leggen bij publiek optreden het accent op beschrijvingen, analyses en prognoses. Zij kiezen geen positie in partijpolitieke debatten en onthouden zich van uitspraken over puur politieke kwesties of personen.
7. Bij verzoeken van derden die op basis van openbaar of gepubliceerd materiaal kunnen worden beantwoord, wordt de informatie als vorm van publieksvoorlichting verschaft. Externe verzoeken om aanvullende analyses en doorrekening worden volgens de hiervoor in dit Protocol omschreven wijze behandeld.
2. De onderzoeken van het KiM zijn in principe openbaar en worden geplaatst op de eigen website van het KiM. Het tijdstip van publicatie is in beginsel niet later dan drie maanden na afronding van het onderzoek. In voorkomende gevallen kan hiervan worden afgeweken, bijvoorbeeld als de onderzoeken deel uitmaken van de voorbereiding van een grote beleidsnota, waarbij alle relevante onderzoeksrapporten gelijktijdig met het uitbrengen van de nota worden gepubliceerd. In zulke gevallen zal overleg met de departementsleiding plaatsvinden. Op actieve en passieve openbaarmaking is te allen tijde de Wet Openbaarheid van Bestuurvan toepassing.
3. Door middel van publicatie van dit protocol in de Staatscourant wordt vastgelegd dat de inhoud van de publicaties van het KiM niet het standpunt van de minister van IenM behoeven weer te geven.
4. De persvoorlichting over KiM-rapporten en de beleidsmatige implicaties daarvan wordt verzorgd door de Directie Communicatie van IenM.
5. Directie en medewerkers van het KiM kunnen desgevraagd worden betrokken bij het werk van adviesorganen, zoals de Raad voor Leefomgeving en Infrastructuur. In deze situaties zal de nadruk meestal liggen op het verstrekken van gegevens, uitvoeren van wetenschappelijke analyses en opstellen van prognoses.
6. Medewerkers die namens het KiM optreden, volgen terzake de instructies van de directeur van het KiM. Zij informeren de Directie Communicatie over contacten met de pers of voorgenomen publicaties. Zij leggen bij publiek optreden het accent op beschrijvingen, analyses en prognoses. Zij kiezen geen positie in partijpolitieke debatten en onthouden zich van uitspraken over puur politieke kwesties of personen.
7. Bij verzoeken van derden die op basis van openbaar of gepubliceerd materiaal kunnen worden beantwoord, wordt de informatie als vorm van publieksvoorlichting verschaft. Externe verzoeken om aanvullende analyses en doorrekening worden volgens de hiervoor in dit Protocol omschreven wijze behandeld.