BWBR0030689
Geldig vanaf 2011-12-01
Artikel 5
Regeling experimenten prestatiebeloning onderwijs
1. De subsidieaanvraag voor een experiment omvat een projectplan, een projectbegroting en een samenwerkingsovereenkomst tussen het bevoegd gezag en de onderzoeker prestatiebeloning betreffende de begeleiding van het project.
2. De Wetenschappelijke Begeleidingscommissie, zoals bedoeld in artikel 15beoordeelt de subsidieaanvraag en adviseert de minister over toekenning. Bij de beoordeling zal worden gekeken op welke wijze het projectplan antwoord geeft op de in bijlage 1opgenomen ontwerpeisen.
3. a. Het projectplan als bedoeld in lid 1 bevat een duidelijke beschrijving van de experimentvariant, de voorgenomen prestatie-indicatoren en prestatiebeloning en een overzicht van de te ondernemen activiteiten.
b. De begroting bevat een overzicht van de per schooljaar geraamde uitgaven voor de prestatiebeloning binnen het experiment. De uitgaven voor projectkosten staan vast en worden begroot conform artikel 8, lid 4.
4. De mogelijkheid tot het doen van een subsidieaanvraag voor een experiment prestatiebeloning vervalt na 1 april 2014. Aanvragen ontvangen na 1 april 2014 worden afgewezen.
5. a. Tussen 1 september en 1 april van enig jaar dient het bevoegd gezag bij DUO een subsidieaanvraag in. De datum van ontvangst van de subsidieaanvraag door DUO geldt hierbij als datum van indiening. Indien de aanvrager op grond van artikel 4:5 Awb in de gelegenheid wordt gesteld om zijn aanvraag aan te vullen, dient deze aanvulling uiterlijk op 15 mei van het betreffende jaar door DUO te zijn ontvangen.
b. De subsidieaanvraag dient altijd in overleg met het CAOP te worden opgesteld. Aanvragen die zonder voorafgaand overleg met de CAOP worden ingediend, worden afgewezen. De aanvrager is zelf verantwoordelijk voor de wijze waarop het CAOP bij de totstandkoming van de aanvraag wordt betrokken.
c. Bij de subsidieaanvraag wordt verklaard dat de personeelgeleding van de MR van het bevoegd gezag heeft ingestemd met de subsidieaanvraag.
d. Na toekenning start de subsidieaanvrager de voorbereidingsfase en bij aanvang van het daaropvolgende schooljaar start de aanvrager met de aankondiging van de prestatiebeloning.
e. De indiener van een tussenrapportage kan geen nieuwe subsidieaanvraag voor een andere vorm van prestatiebeloning indienen.
6. Het CAOP verleent ondersteuning bij het opstellen van het projectplan. Om een deugdelijk experiment te garanderen faciliteert het CAOP de beschikbare en noodzakelijke wetenschappelijke deskundigheid, zowel bij het opstellen van het projectplan (design van het experiment) als het wetenschappelijke onderzoek gedurende de experimentele periode. Er wordt daarbij zoveel mogelijk gebruik gemaakt van gestandaardiseerde projectplannen. Informatie zal ook worden gepubliceerd op www.prestatiebeloninginhetonderwijs.nl.
7. In afwijking van het vijfde lid loopt de aanvraag termijn voor het schooljaar 2011/2012 van 1 november 2011 tot 1 april 2012.
2. De Wetenschappelijke Begeleidingscommissie, zoals bedoeld in artikel 15beoordeelt de subsidieaanvraag en adviseert de minister over toekenning. Bij de beoordeling zal worden gekeken op welke wijze het projectplan antwoord geeft op de in bijlage 1opgenomen ontwerpeisen.
3. a. Het projectplan als bedoeld in lid 1 bevat een duidelijke beschrijving van de experimentvariant, de voorgenomen prestatie-indicatoren en prestatiebeloning en een overzicht van de te ondernemen activiteiten.
b. De begroting bevat een overzicht van de per schooljaar geraamde uitgaven voor de prestatiebeloning binnen het experiment. De uitgaven voor projectkosten staan vast en worden begroot conform artikel 8, lid 4.
4. De mogelijkheid tot het doen van een subsidieaanvraag voor een experiment prestatiebeloning vervalt na 1 april 2014. Aanvragen ontvangen na 1 april 2014 worden afgewezen.
5. a. Tussen 1 september en 1 april van enig jaar dient het bevoegd gezag bij DUO een subsidieaanvraag in. De datum van ontvangst van de subsidieaanvraag door DUO geldt hierbij als datum van indiening. Indien de aanvrager op grond van artikel 4:5 Awb in de gelegenheid wordt gesteld om zijn aanvraag aan te vullen, dient deze aanvulling uiterlijk op 15 mei van het betreffende jaar door DUO te zijn ontvangen.
b. De subsidieaanvraag dient altijd in overleg met het CAOP te worden opgesteld. Aanvragen die zonder voorafgaand overleg met de CAOP worden ingediend, worden afgewezen. De aanvrager is zelf verantwoordelijk voor de wijze waarop het CAOP bij de totstandkoming van de aanvraag wordt betrokken.
c. Bij de subsidieaanvraag wordt verklaard dat de personeelgeleding van de MR van het bevoegd gezag heeft ingestemd met de subsidieaanvraag.
d. Na toekenning start de subsidieaanvrager de voorbereidingsfase en bij aanvang van het daaropvolgende schooljaar start de aanvrager met de aankondiging van de prestatiebeloning.
e. De indiener van een tussenrapportage kan geen nieuwe subsidieaanvraag voor een andere vorm van prestatiebeloning indienen.
6. Het CAOP verleent ondersteuning bij het opstellen van het projectplan. Om een deugdelijk experiment te garanderen faciliteert het CAOP de beschikbare en noodzakelijke wetenschappelijke deskundigheid, zowel bij het opstellen van het projectplan (design van het experiment) als het wetenschappelijke onderzoek gedurende de experimentele periode. Er wordt daarbij zoveel mogelijk gebruik gemaakt van gestandaardiseerde projectplannen. Informatie zal ook worden gepubliceerd op www.prestatiebeloninginhetonderwijs.nl.
7. In afwijking van het vijfde lid loopt de aanvraag termijn voor het schooljaar 2011/2012 van 1 november 2011 tot 1 april 2012.