BWBR0030426
Geldig vanaf 2011-09-15
Artikel 4
Onderlinge regeling toedeling bijzondere AOV-categorie opvolging Sociale Verzekeringsbank Nederlandse Antillen
1. De in verband met de toepassing van de artikelen 2, eerste liden 3, eerste lid, voor rekening van het land Curaçao komende lasten worden in mindering gebracht op het uit hoofde van de <a href="/wet/BWBR0028982" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Onderlinge regeling boedelscheiding Sociale Verzekeringsbank Nederlandse Antillen</a>te verdelen vermogen van de Sociale Verzekeringsbank van de Nederlandse Antillen. Het bedrag ter grootte van deze lasten komt in afwijking van <a href="/wet/BWBR0028982/artikel/5" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 5 van die onderlinge regeling</a>rechtstreeks toe aan het land Curaçao.
2. De hoogte van het in het eerste lid bedoelde bedrag wordt vastgesteld op basis van een door de Sociale Verzekeringsbank van Curaçao te maken raming van lasten, welke de instemming heeft van de vertegenwoordigers in het overleg, bedoeld in artikel 9 van de Onderling regeling boedelscheiding Sociale Verzekeringsbank Nederlandse Antillen, en welke door de Stichting Overheids Accountants Bureau zal worden getoetst.
3. <a href="/wet/BWBR0028982/artikel/5" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Artikel 5, zesde lid, van de Onderlinge regeling boedelscheiding Sociale Verzekeringsbank Nederlandse Antillen</a>is van overeenkomstige toepassing op de raming en op de toetsing door de Stichting Overheids Accountants Bureau als bedoeld in het tweede lid.
4. Indien overeenstemming met betrekking tot de raming uitblijft, vindt het tweede lid geen toepassing. Alsdan worden de voor rekening van Curaçao komende lasten gecompenseerd op basis van jaarlijkse verrekening van de werkelijke kosten, aan partijen toe te rekenen overeenkomstig de uit de toepassing van <a href="/wet/BWBR0028982/artikel/5" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 5, eerste lid, van de Onderling regeling boedelscheiding Sociale Verzekeringsbank Nederlandse Antillen</a>volgende verdeelsleutel.
2. De hoogte van het in het eerste lid bedoelde bedrag wordt vastgesteld op basis van een door de Sociale Verzekeringsbank van Curaçao te maken raming van lasten, welke de instemming heeft van de vertegenwoordigers in het overleg, bedoeld in artikel 9 van de Onderling regeling boedelscheiding Sociale Verzekeringsbank Nederlandse Antillen, en welke door de Stichting Overheids Accountants Bureau zal worden getoetst.
3. <a href="/wet/BWBR0028982/artikel/5" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Artikel 5, zesde lid, van de Onderlinge regeling boedelscheiding Sociale Verzekeringsbank Nederlandse Antillen</a>is van overeenkomstige toepassing op de raming en op de toetsing door de Stichting Overheids Accountants Bureau als bedoeld in het tweede lid.
4. Indien overeenstemming met betrekking tot de raming uitblijft, vindt het tweede lid geen toepassing. Alsdan worden de voor rekening van Curaçao komende lasten gecompenseerd op basis van jaarlijkse verrekening van de werkelijke kosten, aan partijen toe te rekenen overeenkomstig de uit de toepassing van <a href="/wet/BWBR0028982/artikel/5" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 5, eerste lid, van de Onderling regeling boedelscheiding Sociale Verzekeringsbank Nederlandse Antillen</a>volgende verdeelsleutel.