BWBR0030311
Geldig vanaf 2011-07-30
Artikel 2
Besluit mandaat, volmacht en machtiging Dienst Publiek en Communicatie
1. De aan de directeur krachtens artikel 7en 9 van het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Algemene Zakenverleende bevoegdheden worden verleend aan de plaatsvervangend directeur Dienst Publiek en Communicatie, tevens manager met het taakgebied Informatie Rijksoverheid en aan de manager met het taakgebied Campagnes en Media.
2. De plaatsvervangend directeur Dienst Publiek en Communicatie en de manager met het taakgebied Campagnes en Media maken van de aan hun verleende bevoegdheden uitsluitend gebruik:
a. bij afwezigheid van de directeur;
b. in andere gevallen voor zover het aangelegenheden betreft die aan hun door de directeur zijn toevertrouwd.
2. De plaatsvervangend directeur Dienst Publiek en Communicatie en de manager met het taakgebied Campagnes en Media maken van de aan hun verleende bevoegdheden uitsluitend gebruik:
a. bij afwezigheid van de directeur;
b. in andere gevallen voor zover het aangelegenheden betreft die aan hun door de directeur zijn toevertrouwd.