BWBR0029442
Geldig vanaf 01-01-2020
Artikel 1.7.9
Regeling aanspraken zorgverzekering BES
1. Hulpmiddelen als bedoeld in artikel 1.7.1, eerste lid, onderdeel e, omvatten:
a. korsetten voor afwijkingen aan de wervelkolom;
b. orthopedische beugelapparatuur;
c. verstevigde spalk-, redressie- of correctieapparatuur voor langdurig gebruik, waarbij de versteviging een functioneel onderdeel vormt van de orthese en een therapeutische meerwaarde heeft ten opzichte van een niet verstevigde orthese, met dien verstande dat daaronder slechts een kniebrace valt indien sprake is van: 1°. een al dan niet gecombineerd letsel van de knie waarbij de kruisbanden of de collateraal banden zijn gescheurd;
2°. eenzijdige gonartrose, voor zover sprake is van een standafwijking van minimaal 10 graden varus/valgusstand;
1°. een al dan niet gecombineerd letsel van de knie waarbij de kruisbanden of de collateraal banden zijn gescheurd;
2°. eenzijdige gonartrose, voor zover sprake is van een standafwijking van minimaal 10 graden varus/valgusstand;
d. kappen ter bescherming van de schedel indien er sprake is van een schedeldefect of indien door frequente evenwichts- of bewustzijnsstoornissen grote kans op vallen bestaat;
e. tracheacanules;
f. stemprothesen of spraakversterkers, al dan niet gecombineerd;
g. breukbanden;
h. orthopedisch schoeisel en orthopedische voorzieningen aan confectieschoenen, indien voorgeschreven door een specialist, voldaan is aan een van de zorginhoudelijke criteria, vermeld in onderdeel 1, van de bijlage bij deze regeling, en de verzekerde redelijkerwijs niet kan volstaan met confectieschoenen, te weten: 1°. volledig individueel vervaardigd orthopedisch maatschoeisel, indien tevens niet kan worden volstaan met semi-orthopedische schoenen of met een voorziening aan confectieschoenen;
2°. volledig individueel vervaardigde orthopedische binnenschoenen;
3°. semi-orthopedisch schoeisel met individuele aanpassing;
4°. orthopedische voorzieningen aan confectieschoenen, tenzij het uitsluitend een verhoging betreft van de gehele buitenzool van minder dan 3 cm.
1°. volledig individueel vervaardigd orthopedisch maatschoeisel, indien tevens niet kan worden volstaan met semi-orthopedische schoenen of met een voorziening aan confectieschoenen;
2°. volledig individueel vervaardigde orthopedische binnenschoenen;
3°. semi-orthopedisch schoeisel met individuele aanpassing;
4°. orthopedische voorzieningen aan confectieschoenen, tenzij het uitsluitend een verhoging betreft van de gehele buitenzool van minder dan 3 cm.
2. Onder langdurig gebruik, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, valt niet preventief gebruik in verband met het beoefenen van sport.
3. De verzekerde betaalt voor hulpmiddelen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel h, subonderdelen 1° en 3°:
a. indien hij zestien jaar of ouder is, een eigen bijdrage van $ 50 per paar per kalenderjaar;
b. indien hij jonger is dan zestien jaren, een eigen bijdrage van $ 25 per paar per kalenderjaar per paar.
a. korsetten voor afwijkingen aan de wervelkolom;
b. orthopedische beugelapparatuur;
c. verstevigde spalk-, redressie- of correctieapparatuur voor langdurig gebruik, waarbij de versteviging een functioneel onderdeel vormt van de orthese en een therapeutische meerwaarde heeft ten opzichte van een niet verstevigde orthese, met dien verstande dat daaronder slechts een kniebrace valt indien sprake is van: 1°. een al dan niet gecombineerd letsel van de knie waarbij de kruisbanden of de collateraal banden zijn gescheurd;
2°. eenzijdige gonartrose, voor zover sprake is van een standafwijking van minimaal 10 graden varus/valgusstand;
1°. een al dan niet gecombineerd letsel van de knie waarbij de kruisbanden of de collateraal banden zijn gescheurd;
2°. eenzijdige gonartrose, voor zover sprake is van een standafwijking van minimaal 10 graden varus/valgusstand;
d. kappen ter bescherming van de schedel indien er sprake is van een schedeldefect of indien door frequente evenwichts- of bewustzijnsstoornissen grote kans op vallen bestaat;
e. tracheacanules;
f. stemprothesen of spraakversterkers, al dan niet gecombineerd;
g. breukbanden;
h. orthopedisch schoeisel en orthopedische voorzieningen aan confectieschoenen, indien voorgeschreven door een specialist, voldaan is aan een van de zorginhoudelijke criteria, vermeld in onderdeel 1, van de bijlage bij deze regeling, en de verzekerde redelijkerwijs niet kan volstaan met confectieschoenen, te weten: 1°. volledig individueel vervaardigd orthopedisch maatschoeisel, indien tevens niet kan worden volstaan met semi-orthopedische schoenen of met een voorziening aan confectieschoenen;
2°. volledig individueel vervaardigde orthopedische binnenschoenen;
3°. semi-orthopedisch schoeisel met individuele aanpassing;
4°. orthopedische voorzieningen aan confectieschoenen, tenzij het uitsluitend een verhoging betreft van de gehele buitenzool van minder dan 3 cm.
1°. volledig individueel vervaardigd orthopedisch maatschoeisel, indien tevens niet kan worden volstaan met semi-orthopedische schoenen of met een voorziening aan confectieschoenen;
2°. volledig individueel vervaardigde orthopedische binnenschoenen;
3°. semi-orthopedisch schoeisel met individuele aanpassing;
4°. orthopedische voorzieningen aan confectieschoenen, tenzij het uitsluitend een verhoging betreft van de gehele buitenzool van minder dan 3 cm.
2. Onder langdurig gebruik, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, valt niet preventief gebruik in verband met het beoefenen van sport.
3. De verzekerde betaalt voor hulpmiddelen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel h, subonderdelen 1° en 3°:
a. indien hij zestien jaar of ouder is, een eigen bijdrage van $ 50 per paar per kalenderjaar;
b. indien hij jonger is dan zestien jaren, een eigen bijdrage van $ 25 per paar per kalenderjaar per paar.
- Citeren als
- Art. 1.7.9
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0029442
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl