BWBR0028681
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 77 Sv
Wetboek van Strafvordering BES — artikel 77
1. In geval van ontdekking op heterdaad van een strafbaar feit of in geval van verdenking van een misdrijf waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten, kan de officier van justitie ter aanhouding van de verdachte elke plaats doorzoeken.
2. Bij dringende noodzakelijkheid en indien het optreden van de officier van justitie niet kan worden afgewacht, kan een hulpofficier van justitie deze bevoegdheid uitoefenen. Hij behoeft daartoe verlof van de officier van justitie. Dit verlof is met redenen omkleed.
3. Het doorzoeken van plaatsen geschiedt onder leiding van de officier van justitie of, in geval van toepassing van het tweede lid, onder leiding van de hulpofficier van justitie.
4. De artikelen 155 tot en met 164 zijn van toepassing.
2. Bij dringende noodzakelijkheid en indien het optreden van de officier van justitie niet kan worden afgewacht, kan een hulpofficier van justitie deze bevoegdheid uitoefenen. Hij behoeft daartoe verlof van de officier van justitie. Dit verlof is met redenen omkleed.
3. Het doorzoeken van plaatsen geschiedt onder leiding van de officier van justitie of, in geval van toepassing van het tweede lid, onder leiding van de hulpofficier van justitie.
4. De artikelen 155 tot en met 164 zijn van toepassing.
- Citeren als
- Art. 77 Sv
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028681
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl