BWBR0028588
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 7
Besluit bewapening en overige uitrusting politie BES
1. De bewapening van de ambtenaar die is belast met aanhoudings en ondersteuningswerkzaamheden, bestaat mede uit:
a. een pistoolmitrailleur met de daarbij behorende munitie;
b. een gasgeweer met bijbehorende gasprojectielen;
c. een semi-automatisch vuurwapen.
2. De korpsbeheerder kan bepalen dat een ambtenaar als bedoeld in het eerste lid die beschikt over een geldig certificaat als bedoeld in artikel 25, eerste lid, tijdens de uitoefening van de dienst mede wordt uitgerust met een hond met als doel in politiedienst te worden ingezet bij aanhoudings- en ondersteuningswerkzaamheden.
3. De overige uitrusting van de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, bestaat tijdens de uitoefening van de dienst uit een gasmasker en explosieven.
4. De korpsbeheerder kan de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, mede uitrusten met een kogelwerend vest en een kogelwerende helm.
a. een pistoolmitrailleur met de daarbij behorende munitie;
b. een gasgeweer met bijbehorende gasprojectielen;
c. een semi-automatisch vuurwapen.
2. De korpsbeheerder kan bepalen dat een ambtenaar als bedoeld in het eerste lid die beschikt over een geldig certificaat als bedoeld in artikel 25, eerste lid, tijdens de uitoefening van de dienst mede wordt uitgerust met een hond met als doel in politiedienst te worden ingezet bij aanhoudings- en ondersteuningswerkzaamheden.
3. De overige uitrusting van de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, bestaat tijdens de uitoefening van de dienst uit een gasmasker en explosieven.
4. De korpsbeheerder kan de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, mede uitrusten met een kogelwerend vest en een kogelwerende helm.
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028588
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl