BWBR0028574
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 133
Mijnbesluit BES
Hij aan wien de concessie is toegewezen is verplicht:
1°. de som, waarvoor door hem is ingeschreven binnen den in de voorwaarden der inschrijving vastgestelden termijn ineens in ’s Rijks kas te storten;
2°. binnen een termijn van zes maanden na den datum van het nummer van de Staatscourant waarin de beschikking ingevolge het tweede lid van art. 132 is openbaar gemaakt aan Onze Minister in te dienen: a. eene verklaring waarbij door hem overeenkomstig het tweede lid van art. 69 domicilie wordt gekozen, met vermelding van den aan de concessie te geven naam;
b. eene plattegrondteekening, voldoende aan het bepaalde bij het eerste lid sub 2° van art. 74.
a. eene verklaring waarbij door hem overeenkomstig het tweede lid van art. 69 domicilie wordt gekozen, met vermelding van den aan de concessie te geven naam;
b. eene plattegrondteekening, voldoende aan het bepaalde bij het eerste lid sub 2° van art. 74.
1°. de som, waarvoor door hem is ingeschreven binnen den in de voorwaarden der inschrijving vastgestelden termijn ineens in ’s Rijks kas te storten;
2°. binnen een termijn van zes maanden na den datum van het nummer van de Staatscourant waarin de beschikking ingevolge het tweede lid van art. 132 is openbaar gemaakt aan Onze Minister in te dienen: a. eene verklaring waarbij door hem overeenkomstig het tweede lid van art. 69 domicilie wordt gekozen, met vermelding van den aan de concessie te geven naam;
b. eene plattegrondteekening, voldoende aan het bepaalde bij het eerste lid sub 2° van art. 74.
a. eene verklaring waarbij door hem overeenkomstig het tweede lid van art. 69 domicilie wordt gekozen, met vermelding van den aan de concessie te geven naam;
b. eene plattegrondteekening, voldoende aan het bepaalde bij het eerste lid sub 2° van art. 74.
- Wet
- Mijnbesluit BES
- Citeren als
- Art. 133
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028574
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl