BWBR0028273
Geldig vanaf 2016-10-10
Artikel 2a
Besluit specifieke uitkeringen gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid 2011–2018
1. Voor aanvulling op het bedrag van de uitkering, bedoeld in het artikel 2, komen uitsluitend gemeenten in aanmerking die:
a. zijn genoemd in bijlage A; en
b. op grond van artikel 1 in aanmerking komen voor een uitkering als bedoeld in artikel 168a van de Wet op het primair onderwijs.
2. In aanvulling op het bedrag van de uitkering, bedoeld in artikel 2, ontvangt elke gemeente als bedoeld in het eerste lid voor het kalenderjaar 2012:
A x ( 0,21xB / C), hierbij staat:
A voor de som van de schoolgewichten in die gemeente;
B het voor dat jaar in het kader van de rijksbegroting beschikbare bedrag voor het doen van deze uitkeringen;
C voor de som van de schoolgewichten in de met toepassing van het eerste lid in aanmerking gebrachte gemeenten gezamenlijk.
3. In aanvulling op het bedrag van de uitkering, bedoeld in artikel 2, ontvangt elke gemeente als bedoeld in het eerste lid voor elk van de kalenderjaren 2013, 2014, 2015, 2016, 2017 en 2018:
A x (B / C), hierbij staat:
A voor de som van de schoolgewichten in die gemeente;
B het voor dat jaar in het kader van de rijksbegroting beschikbare bedrag voor het doen van deze aanvullingen;
C voor de som van de schoolgewichten in de met toepassing van het eerste lid in aanmerking gebrachte gemeenten gezamenlijk.
a. zijn genoemd in bijlage A; en
b. op grond van artikel 1 in aanmerking komen voor een uitkering als bedoeld in artikel 168a van de Wet op het primair onderwijs.
2. In aanvulling op het bedrag van de uitkering, bedoeld in artikel 2, ontvangt elke gemeente als bedoeld in het eerste lid voor het kalenderjaar 2012:
A x ( 0,21xB / C), hierbij staat:
A voor de som van de schoolgewichten in die gemeente;
B het voor dat jaar in het kader van de rijksbegroting beschikbare bedrag voor het doen van deze uitkeringen;
C voor de som van de schoolgewichten in de met toepassing van het eerste lid in aanmerking gebrachte gemeenten gezamenlijk.
3. In aanvulling op het bedrag van de uitkering, bedoeld in artikel 2, ontvangt elke gemeente als bedoeld in het eerste lid voor elk van de kalenderjaren 2013, 2014, 2015, 2016, 2017 en 2018:
A x (B / C), hierbij staat:
A voor de som van de schoolgewichten in die gemeente;
B het voor dat jaar in het kader van de rijksbegroting beschikbare bedrag voor het doen van deze aanvullingen;
C voor de som van de schoolgewichten in de met toepassing van het eerste lid in aanmerking gebrachte gemeenten gezamenlijk.