BWBR0027776
Geldig vanaf 2010-06-22
Artikel 3
Beleidsregel IGVO 2010
1. Teneinde in aanmerking te komen voor bekostiging van de cursussen IB MYP en IB DP omvat een school ten minste de schoolsoorten voorbereidend wetenschappelijk onderwijs en hoger algemeen voortgezet onderwijs.
2. Het bevoegd gezag van een school die in aanmerking wil komen voor de bekostiging van een cursus IB MYP en een cursus IB DP, dient daartoe een aanvraag voor beide cursussen in bij de Minister uiterlijk 31 oktober van het jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de bekostiging wordt gevraagd. De aanvraag wordt gestuurd aan het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, directie Voortgezet Onderwijs, Postbus 16375, 2500 BJ Den Haag.
3. Deze aanvraag gaat vergezeld van een prognose waaruit blijkt dat de beide cursussen IB MYP en IB DP, zodra deze in alle leerjaren worden aangeboden, door ten minste 120 leerlingen zullen worden bezocht, die voldoen aan de toelatingseisen als bedoeld in artikel 8, eerste lid.
4. De prognose heeft betrekking op het aantal leerlingen in het zesde en tiende schooljaar na het tijdstip, bedoeld in het tweede lid. Bij de prognose worden als voedingsgebied aangegeven de regio en gemeenten van waaruit leerlingen afkomstig zullen zijn. Het voedingsgebied strekt zich voor de prognose niet uit tot buiten het Nederlandse grondgebied.
2. Het bevoegd gezag van een school die in aanmerking wil komen voor de bekostiging van een cursus IB MYP en een cursus IB DP, dient daartoe een aanvraag voor beide cursussen in bij de Minister uiterlijk 31 oktober van het jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de bekostiging wordt gevraagd. De aanvraag wordt gestuurd aan het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, directie Voortgezet Onderwijs, Postbus 16375, 2500 BJ Den Haag.
3. Deze aanvraag gaat vergezeld van een prognose waaruit blijkt dat de beide cursussen IB MYP en IB DP, zodra deze in alle leerjaren worden aangeboden, door ten minste 120 leerlingen zullen worden bezocht, die voldoen aan de toelatingseisen als bedoeld in artikel 8, eerste lid.
4. De prognose heeft betrekking op het aantal leerlingen in het zesde en tiende schooljaar na het tijdstip, bedoeld in het tweede lid. Bij de prognose worden als voedingsgebied aangegeven de regio en gemeenten van waaruit leerlingen afkomstig zullen zijn. Het voedingsgebied strekt zich voor de prognose niet uit tot buiten het Nederlandse grondgebied.