BWBR0027218
Geldig vanaf 2010-04-01
Artikel 1
Rechtspositiebesluit voorzitters huurcommissie 2010
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. ambt: voorzitterschap, plaatsvervangend voorzitterschap of zittingsvoorzitterschap van de huurcommissie;
b. huurcommissie: commissie, genoemd in artikel 3a van de wet;
c. Onze Minister: Onze Minister voor Wonen, Wijken en Integratie;
d. plaatsvervangend voorzitter: plaatsvervangend voorzitter van de huurcommissie als bedoeld in artikel 3a, tweede lid, van de wet;
e. voorzitter: voorzitter van de huurcommissie als bedoeld in artikel 3a, tweede lid, van de wet;
f. wet:Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte;
g. zittingsvoorzitter: zittingsvoorzitter van de huurcommissie als bedoeld in artikel 3a, tweede lid, van de wet.
a. ambt: voorzitterschap, plaatsvervangend voorzitterschap of zittingsvoorzitterschap van de huurcommissie;
b. huurcommissie: commissie, genoemd in artikel 3a van de wet;
c. Onze Minister: Onze Minister voor Wonen, Wijken en Integratie;
d. plaatsvervangend voorzitter: plaatsvervangend voorzitter van de huurcommissie als bedoeld in artikel 3a, tweede lid, van de wet;
e. voorzitter: voorzitter van de huurcommissie als bedoeld in artikel 3a, tweede lid, van de wet;
f. wet:Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte;
g. zittingsvoorzitter: zittingsvoorzitter van de huurcommissie als bedoeld in artikel 3a, tweede lid, van de wet.