Het bepaalde bij of krachtens de
artikelen 7, eerste lid, en
31, tweede lid, van de Wet inburgeringzoals die bepalingen luidden vóór het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdelen C en Ia, van deze wet, blijft van toepassing ten aanzien van de termijnen voor het behalen van het inburgeringsexamen die vóór dat tijdstip zijn aangevangen, respectievelijk ten aanzien van de verlenging van die termijnen.