BWBR0026564
Geldig vanaf 01-11-2009
Artikel 7
Regeling burgerluchthavens
1. De omvang van het veiligheidsgebied als bedoeld in artikel 13 van het besluit wordt vastgesteld overeenkomstig het in bijlage 3 van deze regeling opgenomen voorschrift.
2. In het veiligheidsgebied:
a. zijn hellingen niet groter dan 5%;
b. zijn hellingovergangen zo geleidelijk mogelijk; en
c. zijn abrupte overgangen en plotseling tegengestelde hellingen niet toegestaan.
3. In het veiligheidsgebied voldoen obstakels aan de voorschriften die zijn opgenomen in de hoofdstukken 2, 3, 4 en 7 van ICAO DOC 9157 Aerodrome Design Manual part 6, dat als bijlage 4 bij deze regeling is opgenomen, met uitzondering van de onderdelen 2.1.2 tot en met 2.1.15, 2.2.3, 2.2.6 tot en met 2.2.8, 3.1.3 tot en met 3.1.10, 4.1.1 tot en met 4.1.3, 4.1.5, 4.3, 4.4.1, 4.4.2, 4.9.1 tot en met 4.9.10, 4.9.25, 4.9.26, 4.9.31, 7.1 en 7.3, en met dien verstande dat het voorschrift in de onderdelen 3.3.1 en 4.9.30 geldt voor alle obstakels in het veiligheidsgebied.
2. In het veiligheidsgebied:
a. zijn hellingen niet groter dan 5%;
b. zijn hellingovergangen zo geleidelijk mogelijk; en
c. zijn abrupte overgangen en plotseling tegengestelde hellingen niet toegestaan.
3. In het veiligheidsgebied voldoen obstakels aan de voorschriften die zijn opgenomen in de hoofdstukken 2, 3, 4 en 7 van ICAO DOC 9157 Aerodrome Design Manual part 6, dat als bijlage 4 bij deze regeling is opgenomen, met uitzondering van de onderdelen 2.1.2 tot en met 2.1.15, 2.2.3, 2.2.6 tot en met 2.2.8, 3.1.3 tot en met 3.1.10, 4.1.1 tot en met 4.1.3, 4.1.5, 4.3, 4.4.1, 4.4.2, 4.9.1 tot en met 4.9.10, 4.9.25, 4.9.26, 4.9.31, 7.1 en 7.3, en met dien verstande dat het voorschrift in de onderdelen 3.3.1 en 4.9.30 geldt voor alle obstakels in het veiligheidsgebied.
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0026564
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl