BWBR0026257
Geldig vanaf 2009-09-01
Artikel 1.3
Regeling Wet bescherming persoonsgegevens ministerie van Defensie
1. Als Wbp-beheerder worden aangewezen:
a. de plaatsvervangend Secretaris-Generaal voor verwerkingen binnen de bestuursstaf alsmede defensiebrede verwerkingen;
b. de Commandant Koninklijke marechaussee voor verwerkingen binnen de Koninklijke marechaussee;
c. de Commandant Zeestrijdkrachten voor verwerkingen binnen het operationeel commando der zeestrijdkrachten;
d. de Commandant Luchtstrijdkrachten voor verwerkingen binnen het operationeel commando der luchtstrijdkrachten;
e. de Commandant Landstrijdkrachten voor verwerkingen binnen het operationeel commando der landstrijdkrachten;
f. de Commandant Commando Diensten Centra voor verwerkingen binnen het commando diensten centra;
g. de Directeur Defensie Materieel Organisatie voor verwerkingen binnen de defensie materieel organisatie.
2. Een Wbp-beheerder kan de aan hem belaste zorg voor de naleving van de wet geheel of gedeeltelijk opdragen aan een Wbp-onderbeheerder binnen zijn dienstonderdeel. Hij doet hiervan mededeling aan de functionaris voor de gegevensbescherming.
3. De Wbp-beheerder, dan wel de Wbp-onderbeheerder, wijst binnen zijn dienstonderdeel een Wbp-coördinator aan die de uitvoering van de wet en de feitelijke handelingen die daarvoor nodig zijn, binnen zijn dienstonderdeel coördineert. Hij doet hiervan mededeling aan de functionaris voor de gegevensbescherming. De Wbp-coördinator neemt deel aan het Wbp-coördinatorenoverleg.
4. De Wbp-beheerder rapporteert jaarlijks vóór 1 augustus aan de functionaris voor de gegevensbescherming over de naleving van de wetbinnen zijn dienstonderdeel.
5. De Wbp-beheerder,dan wel de Wbp-onderbeheerder, meldt alle verwerkingen van persoonsgegevens bij de functionaris voor de gegevensbescherming conform het gestelde in artikel 2.2van deze regeling.
6. De Wbp-beheerder, dan wel de Wbp-onderbeheerder, draagt er zorg voor dat contacten met het College geschieden door tussenkomst van de functionaris voor de gegevensbescherming.
7. Voor die verwerkingen ten aanzien waarvan dit artikel niet in een aanwijzing van Wbp-beheerder voorziet, kan de Secretaris-Generaal alsnog een Wbp-beheerder aanwijzen.
a. de plaatsvervangend Secretaris-Generaal voor verwerkingen binnen de bestuursstaf alsmede defensiebrede verwerkingen;
b. de Commandant Koninklijke marechaussee voor verwerkingen binnen de Koninklijke marechaussee;
c. de Commandant Zeestrijdkrachten voor verwerkingen binnen het operationeel commando der zeestrijdkrachten;
d. de Commandant Luchtstrijdkrachten voor verwerkingen binnen het operationeel commando der luchtstrijdkrachten;
e. de Commandant Landstrijdkrachten voor verwerkingen binnen het operationeel commando der landstrijdkrachten;
f. de Commandant Commando Diensten Centra voor verwerkingen binnen het commando diensten centra;
g. de Directeur Defensie Materieel Organisatie voor verwerkingen binnen de defensie materieel organisatie.
2. Een Wbp-beheerder kan de aan hem belaste zorg voor de naleving van de wet geheel of gedeeltelijk opdragen aan een Wbp-onderbeheerder binnen zijn dienstonderdeel. Hij doet hiervan mededeling aan de functionaris voor de gegevensbescherming.
3. De Wbp-beheerder, dan wel de Wbp-onderbeheerder, wijst binnen zijn dienstonderdeel een Wbp-coördinator aan die de uitvoering van de wet en de feitelijke handelingen die daarvoor nodig zijn, binnen zijn dienstonderdeel coördineert. Hij doet hiervan mededeling aan de functionaris voor de gegevensbescherming. De Wbp-coördinator neemt deel aan het Wbp-coördinatorenoverleg.
4. De Wbp-beheerder rapporteert jaarlijks vóór 1 augustus aan de functionaris voor de gegevensbescherming over de naleving van de wetbinnen zijn dienstonderdeel.
5. De Wbp-beheerder,dan wel de Wbp-onderbeheerder, meldt alle verwerkingen van persoonsgegevens bij de functionaris voor de gegevensbescherming conform het gestelde in artikel 2.2van deze regeling.
6. De Wbp-beheerder, dan wel de Wbp-onderbeheerder, draagt er zorg voor dat contacten met het College geschieden door tussenkomst van de functionaris voor de gegevensbescherming.
7. Voor die verwerkingen ten aanzien waarvan dit artikel niet in een aanwijzing van Wbp-beheerder voorziet, kan de Secretaris-Generaal alsnog een Wbp-beheerder aanwijzen.