BWBR0025950
Geldig vanaf 2009-06-17
Artikel 6
Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rijksgebouwendienst 2009
Aan de directeur-generaal en de plaatsvervangend directeur-generaal blijft voorbehouden het uitoefenen van:
a. de bevoegdheden op het terrein van Personeel & Organisatie, genoemd in bijlage 1;
b. de bevoegdheid tot het benoemen van een projectbevoegde die wordt voorzien van bijzondere bevoegdheden;
c. de bevoegdheid tot het beslissen omtrent de vertegenwoordiging van de Staat der Nederlanden, de minister of de Rijksgebouwendienst in rechte;
d. de bevoegdheid tot het vaststellen van vaststellingsovereenkomsten;
e. de bevoegdheid tot het vaststellen van beleidsregels;
f. de bevoegdheid tot het beslissen omtrent het verlenen van subsidie;
g. de bevoegdheid tot het inhuren van externen op het terrein van interim-management, organisatie- en formatieadvies, communicatieadvies en beleidsadvies.
a. de bevoegdheden op het terrein van Personeel & Organisatie, genoemd in bijlage 1;
b. de bevoegdheid tot het benoemen van een projectbevoegde die wordt voorzien van bijzondere bevoegdheden;
c. de bevoegdheid tot het beslissen omtrent de vertegenwoordiging van de Staat der Nederlanden, de minister of de Rijksgebouwendienst in rechte;
d. de bevoegdheid tot het vaststellen van vaststellingsovereenkomsten;
e. de bevoegdheid tot het vaststellen van beleidsregels;
f. de bevoegdheid tot het beslissen omtrent het verlenen van subsidie;
g. de bevoegdheid tot het inhuren van externen op het terrein van interim-management, organisatie- en formatieadvies, communicatieadvies en beleidsadvies.