BWBR0025800
Geldig vanaf 2009-05-15
Artikel 6
Beleidsregel storing door het gewenste signaal van radiozendapparaten
1. Een vergunninghouder veroorzaakt in het frequentiegebied van 100 kHz tot en met 2,5 GHz geen ontoelaatbare belemmeringen op locaties waar:
a. de gewenste signalen van radiozendapparaten uitgezonden in het frequentiegebied van 100 kHz tot en met 2,5 GHz een cumulatieve piekwaarde van de elektrische veldsterkte opleveren die lager is dan of gelijk is aan 5,4 Volt per meter, en
b. de gewenste signalen van radiozendapparaten uitgezonden in het frequentiegebied van 100 kHz tot en met 30 MHz een cumulatieve piekwaarde van de spanning opleveren die lager is dan of gelijk is aan 5,4 Volt.
2. Een vergunninghouder veroorzaakt in het frequentiegebied hoger dan 2,5 GHz en gelijk of lager dan 400 GHz geen ontoelaatbare belemmeringen op locaties waar de gewenste signalen van radiozendapparaten uitgezonden in dat frequentiegebied een cumulatieve piekwaarde van de elektrische veldsterkte opleveren die lager is dan of gelijk is aan 1,8 Volt per meter.
a. de gewenste signalen van radiozendapparaten uitgezonden in het frequentiegebied van 100 kHz tot en met 2,5 GHz een cumulatieve piekwaarde van de elektrische veldsterkte opleveren die lager is dan of gelijk is aan 5,4 Volt per meter, en
b. de gewenste signalen van radiozendapparaten uitgezonden in het frequentiegebied van 100 kHz tot en met 30 MHz een cumulatieve piekwaarde van de spanning opleveren die lager is dan of gelijk is aan 5,4 Volt.
2. Een vergunninghouder veroorzaakt in het frequentiegebied hoger dan 2,5 GHz en gelijk of lager dan 400 GHz geen ontoelaatbare belemmeringen op locaties waar de gewenste signalen van radiozendapparaten uitgezonden in dat frequentiegebied een cumulatieve piekwaarde van de elektrische veldsterkte opleveren die lager is dan of gelijk is aan 1,8 Volt per meter.