BWBR0025696
Geldig vanaf 2009-07-01
Artikel 9
Besluit verantwoording stedelijke vernieuwing ISV-2
1. Met uitzondering van de gevallen waarin met betrekking tot een prestatie-indicator geen bestedingen hebben plaatsgevonden kan, in afwijking van artikel 8, op verzoek van een gemeente die is aangewezen ingevolge artikel 5, tweede lid, van de wet, de berekening, bedoeld in artikel 4, plaatsvinden op basis van de bestedingen van de rijksbijdrage per prestatie-indicator.
2. De berekening, bedoeld in het eerste lid, vindt per prestatie-indicator plaats met behulp van de formule:
Bedrag – (Bedrag x Pr : Pv) = K
in welke formule voorstelt:
Bedrag: met betrekking tot een prestatie-indicator besteed bedrag, dan wel een forfaitair bedrag indien het totaal van de verantwoorde bestedingen van een bepaald deelbudget over de daarbij behorende en in het ontwikkelingsprogramma opgenomen prestatie-indicatoren minder is dan het verleende deelbudget, welk forfaitair bedrag wordt berekend door de relatieve verdeling van die bestedingen over die prestatie-indicatoren naar evenredigheid toe te passen op het totaal van dat verleende deelbudget;
Pr: de gerealiseerde prestatie-eenheden;
Pv: de voorgenomen prestatie-eenheden, en
K: de hoogte van de korting per prestatie-indicator.
3. Het verzoek, bedoeld in het eerste lid, wordt voor 15 juli 2010 ingediend bij Onze Minister.
4. Onze Minister kan voor zijn beslissing op het verzoek de gemeente om aanvullende informatie verzoeken.
2. De berekening, bedoeld in het eerste lid, vindt per prestatie-indicator plaats met behulp van de formule:
Bedrag – (Bedrag x Pr : Pv) = K
in welke formule voorstelt:
Bedrag: met betrekking tot een prestatie-indicator besteed bedrag, dan wel een forfaitair bedrag indien het totaal van de verantwoorde bestedingen van een bepaald deelbudget over de daarbij behorende en in het ontwikkelingsprogramma opgenomen prestatie-indicatoren minder is dan het verleende deelbudget, welk forfaitair bedrag wordt berekend door de relatieve verdeling van die bestedingen over die prestatie-indicatoren naar evenredigheid toe te passen op het totaal van dat verleende deelbudget;
Pr: de gerealiseerde prestatie-eenheden;
Pv: de voorgenomen prestatie-eenheden, en
K: de hoogte van de korting per prestatie-indicator.
3. Het verzoek, bedoeld in het eerste lid, wordt voor 15 juli 2010 ingediend bij Onze Minister.
4. Onze Minister kan voor zijn beslissing op het verzoek de gemeente om aanvullende informatie verzoeken.