BWBR0025390
Geldig vanaf 2010-04-16
Artikel 6
Tijdelijke regeling aanvulling eigen inkomsten cultuurinstellingen
1. De hoogte van de subsidie wordt bepaald op basis van de jaarrekening van de instelling.
2. Indien aan een instelling geen vierjaarlijkse subsidie is verstrekt over de jaren 2005, 2006, 2007 en 2008, zendt de instelling de jaarrekeningen over die jaren voor 1 mei 2009 aan de minister. Indien een instelling slechts gedurende een aantal van die jaren bestond, zendt de instelling de jaarrekeningen over de betreffende jaren. Indien een instelling gedurende minder dan drie van die jaren bestond, blijft artikel 4, tweede lid, buiten toepassing.
3. De subsidieontvanger verschaft zo nodig nadere inlichtingen die noodzakelijk zijn voor het berekenen van de gemiddelde eigen inkomsten in de jaren 2005, 2006, 2007 en 2008.
2. Indien aan een instelling geen vierjaarlijkse subsidie is verstrekt over de jaren 2005, 2006, 2007 en 2008, zendt de instelling de jaarrekeningen over die jaren voor 1 mei 2009 aan de minister. Indien een instelling slechts gedurende een aantal van die jaren bestond, zendt de instelling de jaarrekeningen over de betreffende jaren. Indien een instelling gedurende minder dan drie van die jaren bestond, blijft artikel 4, tweede lid, buiten toepassing.
3. De subsidieontvanger verschaft zo nodig nadere inlichtingen die noodzakelijk zijn voor het berekenen van de gemiddelde eigen inkomsten in de jaren 2005, 2006, 2007 en 2008.