BWBR0025116
Geldig vanaf 2009-01-01
Artikel 4
Beleidsregel aanwijzing beschermde monumenten 2009
1. De minister kan ambtshalve een monument dat is vervaardigd voor 1940 aanwijzen als beschermd monument, indien:
a. het monument is opgenomen in een aanwijzingsprogramma, of
b. het monument 1. vanwege zijn schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde kan worden aangemerkt als een nationaal of internationaal erkend monument van de Nederlandse architectuur, stedenbouw, landinrichting, bouwtechniek of ruimtegebonden kunst, en
2. vanwege zijn hoge zeldzaamheid een onmiskenbare aanvulling vormt op de beschermde monumenten.
1. vanwege zijn schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde kan worden aangemerkt als een nationaal of internationaal erkend monument van de Nederlandse architectuur, stedenbouw, landinrichting, bouwtechniek of ruimtegebonden kunst, en
2. vanwege zijn hoge zeldzaamheid een onmiskenbare aanvulling vormt op de beschermde monumenten.
2. Aanwijzingsprogramma’s als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, zijn in elk geval:
a. het aanwijzingsprogramma voor monumenten in herstructureringswijken, en
b. het aanwijzingsprogramma voor monumenten van de Nieuwe Hollandse Waterlinie.
a. het monument is opgenomen in een aanwijzingsprogramma, of
b. het monument 1. vanwege zijn schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde kan worden aangemerkt als een nationaal of internationaal erkend monument van de Nederlandse architectuur, stedenbouw, landinrichting, bouwtechniek of ruimtegebonden kunst, en
2. vanwege zijn hoge zeldzaamheid een onmiskenbare aanvulling vormt op de beschermde monumenten.
1. vanwege zijn schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde kan worden aangemerkt als een nationaal of internationaal erkend monument van de Nederlandse architectuur, stedenbouw, landinrichting, bouwtechniek of ruimtegebonden kunst, en
2. vanwege zijn hoge zeldzaamheid een onmiskenbare aanvulling vormt op de beschermde monumenten.
2. Aanwijzingsprogramma’s als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, zijn in elk geval:
a. het aanwijzingsprogramma voor monumenten in herstructureringswijken, en
b. het aanwijzingsprogramma voor monumenten van de Nieuwe Hollandse Waterlinie.