BWBR0024997
Geldig vanaf 2009-01-01
Artikel 5
Organisatie-, mandaat- en volmachtbesluit directie Gezond en Veilig Werken 2009
Het hoofd van de afdeling Gezond Werken is verantwoordelijk voor de volgende algemene taken:
a. het bevorderen van de preventie van arbeidsrisico’s op het taakgebied van stoffen, met name hoog-risico stoffen zoals opgenomen in de Arbeidsomstandighedenwet en de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, van het werken onder overdruk, van biologische agentia, van fysische agentia waaronder geluid, trillingen en straling, en van arbeidsrisico’s op het taakgebied van psychosociale arbeidsbelasting en fysieke belasting;
b. het monitoren van blootstelling aan gevaarlijke stoffen en ioniserende straling en van maatregelen om de risico’s te beheersen;
c. het bevorderen van de naleving van wettelijke voorschriften met betrekking tot de preventie van risico’s, genoemd in dit artikel;
d. het ontwikkelen en onderhouden van normeringaspecten in de regelgeving van de onderwerpen, bedoeld in onderdeel a;
e. het bevorderen van kennisontwikkeling bij werkgevers en werknemers op de onderwerpen, bedoeld in onderdeel a van dit artikel;
f. het leveren van bijdragen aan de ontwikkeling van (Europese) richtlijnen en de beïnvloeding van internationale agendasetting met betrekking tot de risico’s, genoemd in onderdeel a;
g. het coördineren van het certificatie- en accreditatiebeleid binnen de directie;
h. het borgen van voldoende deskundigheid ten behoeve van de beleidsinzet op de onderwerpen, bedoeld in de onderdelen a en f.
a. het bevorderen van de preventie van arbeidsrisico’s op het taakgebied van stoffen, met name hoog-risico stoffen zoals opgenomen in de Arbeidsomstandighedenwet en de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, van het werken onder overdruk, van biologische agentia, van fysische agentia waaronder geluid, trillingen en straling, en van arbeidsrisico’s op het taakgebied van psychosociale arbeidsbelasting en fysieke belasting;
b. het monitoren van blootstelling aan gevaarlijke stoffen en ioniserende straling en van maatregelen om de risico’s te beheersen;
c. het bevorderen van de naleving van wettelijke voorschriften met betrekking tot de preventie van risico’s, genoemd in dit artikel;
d. het ontwikkelen en onderhouden van normeringaspecten in de regelgeving van de onderwerpen, bedoeld in onderdeel a;
e. het bevorderen van kennisontwikkeling bij werkgevers en werknemers op de onderwerpen, bedoeld in onderdeel a van dit artikel;
f. het leveren van bijdragen aan de ontwikkeling van (Europese) richtlijnen en de beïnvloeding van internationale agendasetting met betrekking tot de risico’s, genoemd in onderdeel a;
g. het coördineren van het certificatie- en accreditatiebeleid binnen de directie;
h. het borgen van voldoende deskundigheid ten behoeve van de beleidsinzet op de onderwerpen, bedoeld in de onderdelen a en f.