BWBR0024807
Geldig vanaf 2008-12-10
Artikel 9
Subsidieregeling Programma internationalisering beroepsonderwijs
De Minister beslist in ieder geval afwijzend op een aanvraag indien:
a. de aanvraag niet voldoet aan deze regeling;
b. onvoldoende vertrouwen bestaat dat de subsidieontvanger de capaciteiten heeft om het project naar behoren uit te voeren;
c. onvoldoende vertrouwen bestaat in de financiële haalbaarheid van het project;
d. onvoldoende aannemelijk is dat de samenwerking leidt tot verbetering van de internationalisering;
e. het niet aannemelijk is dat het project binnen een jaar na subsidieverlening wordt afgerond;
f. onvoldoende vertrouwen bestaat in de structurele voortzetting van de activiteiten, bedoeld in artikel 1, onderdeel c, 3e.
a. de aanvraag niet voldoet aan deze regeling;
b. onvoldoende vertrouwen bestaat dat de subsidieontvanger de capaciteiten heeft om het project naar behoren uit te voeren;
c. onvoldoende vertrouwen bestaat in de financiële haalbaarheid van het project;
d. onvoldoende aannemelijk is dat de samenwerking leidt tot verbetering van de internationalisering;
e. het niet aannemelijk is dat het project binnen een jaar na subsidieverlening wordt afgerond;
f. onvoldoende vertrouwen bestaat in de structurele voortzetting van de activiteiten, bedoeld in artikel 1, onderdeel c, 3e.