BWBR0024064
Geldig vanaf 2008-07-01
Artikel 3
Besluit reis-, verblijf-, en verhuiskosten politie
1. De ambtenaar heeft aanspraak op een tegemoetkoming in de kosten voor het dagelijks reizen tussen:
a. de woning en de plaats van tewerkstelling;
b. de woning en een door de ambtenaar gekozen andere locatie, waar hij zijn werkzaamheden verricht, dan de plaats van tewerkstelling;
c. de woning en de aangewezen meerdere plaatsen van tewerkstelling, indien aan de ambtenaar meerdere plaatsen van tewerkstelling zijn aangewezen als bedoeld in artikel 10, derde lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie;
d. de tijdelijke huisvesting en de plaats van tewerkstelling, indien aan de ambtenaar de verhuisplicht is opgelegd en hij tijdelijk elders is gehuisvest nabij zijn plaats van tewerkstelling;
e. de tijdelijke huisvesting of de woning en de plaats van tewerkstelling, indien het een ambtenaar betreft tijdens de initiële opleiding.
2. De ambtenaar kan voor de reizen, bedoeld in het eerste lid, onder de voorwaarden genoemd in dit besluit aanspraak maken op een tegemoetkoming in de kosten voor:
a) openbaar vervoer;
b) eigen vervoer dan wel;
c) een combinatie van openbaar vervoer en eigen vervoer.
a. de woning en de plaats van tewerkstelling;
b. de woning en een door de ambtenaar gekozen andere locatie, waar hij zijn werkzaamheden verricht, dan de plaats van tewerkstelling;
c. de woning en de aangewezen meerdere plaatsen van tewerkstelling, indien aan de ambtenaar meerdere plaatsen van tewerkstelling zijn aangewezen als bedoeld in artikel 10, derde lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie;
d. de tijdelijke huisvesting en de plaats van tewerkstelling, indien aan de ambtenaar de verhuisplicht is opgelegd en hij tijdelijk elders is gehuisvest nabij zijn plaats van tewerkstelling;
e. de tijdelijke huisvesting of de woning en de plaats van tewerkstelling, indien het een ambtenaar betreft tijdens de initiële opleiding.
2. De ambtenaar kan voor de reizen, bedoeld in het eerste lid, onder de voorwaarden genoemd in dit besluit aanspraak maken op een tegemoetkoming in de kosten voor:
a) openbaar vervoer;
b) eigen vervoer dan wel;
c) een combinatie van openbaar vervoer en eigen vervoer.