BWBR0023974
Geldig vanaf 2008-07-03
Artikel 10
Tijdelijke regeling subsidiëring experimenten leergang vmbo-mbo2 2008–2013
1. Voor subsidieverstrekking op grond van deze regeling is ten behoeve van het vaste bedrag, bedoeld in artikel 9, eerste lid, een bedrag beschikbaar van in totaal ten hoogste € 1.000.000 voor projecten die starten met ingang van 1 augustus 2008 en ten hoogste € 1.000.000 voor projecten die starten met ingang van 1 augustus 2009 voor zover daarvoor niet eerder een vast bedrag op grond van deze regeling is verstrekt.
2. Voor subsidieverstrekking aan projecten die met ingang van 1 augustus 2008 respectievelijk 1 augustus 2009 zijn gestart, is per leerling per schooljaar een bedrag beschikbaar van € 8.500 voor de duur van het project.
3. Aan de leergang vmbo-mbo2 kunnen landelijk ten hoogste 5000 leerlingen deelnemen, met dien verstande dat aan projecten die met ingang van 1 augustus 2008 starten, landelijk ten hoogste 1500 leerlingen kunnen deelnemen.
4. Indien het subsidieplafond, bedoeld in het derde lid, in 2008 niet wordt bereikt, wordt met inachtneming van het zesde lid, het subsidieplafond voor 2009 verhoogd met het bedrag voor het aantal leerlingen dat in 2008 is afgewezen.
5. Voor subsidieverlening ten behoeve van de diplomabonus, bedoeld in artikel 9, vierde lid, is voor projecten die starten met ingang van 1 augustus 2008 ten hoogste € 850.000 beschikbaar en voor projecten die starten met ingang van 1 augustus 2009 ten hoogste € 1.700.000 beschikbaar. Indien het subsidieplafond in enig jaar wordt overschreden, wordt het bedrag, bedoeld in artikel 9, vierde lid, naar evenredigheid verlaagd.
6. Indien gegrondverklaring van een bezwaarschrift ten aanzien van een project dat start met ingang van 1 augustus 2008, leidt tot overschrijding van het subsidieplafond voor 2008, bedoeld in het derde lid, wordt het bedrag voor het aantal leerlingen dat als gevolg van de gegrondverklaring alsnog kan deelnemen aan de leergang vmbo-mbo2, in mindering gebracht op het subsidieplafond voor 2009.
2. Voor subsidieverstrekking aan projecten die met ingang van 1 augustus 2008 respectievelijk 1 augustus 2009 zijn gestart, is per leerling per schooljaar een bedrag beschikbaar van € 8.500 voor de duur van het project.
3. Aan de leergang vmbo-mbo2 kunnen landelijk ten hoogste 5000 leerlingen deelnemen, met dien verstande dat aan projecten die met ingang van 1 augustus 2008 starten, landelijk ten hoogste 1500 leerlingen kunnen deelnemen.
4. Indien het subsidieplafond, bedoeld in het derde lid, in 2008 niet wordt bereikt, wordt met inachtneming van het zesde lid, het subsidieplafond voor 2009 verhoogd met het bedrag voor het aantal leerlingen dat in 2008 is afgewezen.
5. Voor subsidieverlening ten behoeve van de diplomabonus, bedoeld in artikel 9, vierde lid, is voor projecten die starten met ingang van 1 augustus 2008 ten hoogste € 850.000 beschikbaar en voor projecten die starten met ingang van 1 augustus 2009 ten hoogste € 1.700.000 beschikbaar. Indien het subsidieplafond in enig jaar wordt overschreden, wordt het bedrag, bedoeld in artikel 9, vierde lid, naar evenredigheid verlaagd.
6. Indien gegrondverklaring van een bezwaarschrift ten aanzien van een project dat start met ingang van 1 augustus 2008, leidt tot overschrijding van het subsidieplafond voor 2008, bedoeld in het derde lid, wordt het bedrag voor het aantal leerlingen dat als gevolg van de gegrondverklaring alsnog kan deelnemen aan de leergang vmbo-mbo2, in mindering gebracht op het subsidieplafond voor 2009.