BWBR0023825
Geldig vanaf 2008-05-09
Artikel 32
Wet op de parlementaire enquête 2008
1. In afwijking van artikel 30kunnen verklaringen en documenten die in het kader van een parlementaire enquête zijn afgelegd onderscheidenlijk verstrekt als bewijs worden gebruikt in een strafrechtelijke procedure naar meineed, naar omkoping van een getuige of deskundige bij een parlementaire enquête of naar de delicten, bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0001854/artikel/192" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 192 tot en met 192c van het Wetboek van Strafrecht</a>, dan wel de delicten, bedoeld in de artikelen 198 tot en met 198c van het Wetboek van Strafrecht BES.
2. In afwijking van artikel 31verstrekt de commissie aan het openbaar ministerie ten behoeve van een strafrechtelijk onderzoek naar meineed, naar omkoping van een getuige of deskundige bij een parlementaire enquête of naar de delicten, bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0001854/artikel/192" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 192 tot en met 192c van het Wetboek van Strafrecht</a>dan wel de delicten, bedoeld in de artikelen 198 tot en met 198c van het Wetboek van Strafrecht BES, de informatie die redelijkerwijs hiervoor nodig is, ook indien het informatie betreft ten aanzien waarvan voor de leden van de commissie op grond van deze wet een geheimhoudingsverplichting geldt.
2. In afwijking van artikel 31verstrekt de commissie aan het openbaar ministerie ten behoeve van een strafrechtelijk onderzoek naar meineed, naar omkoping van een getuige of deskundige bij een parlementaire enquête of naar de delicten, bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0001854/artikel/192" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 192 tot en met 192c van het Wetboek van Strafrecht</a>dan wel de delicten, bedoeld in de artikelen 198 tot en met 198c van het Wetboek van Strafrecht BES, de informatie die redelijkerwijs hiervoor nodig is, ook indien het informatie betreft ten aanzien waarvan voor de leden van de commissie op grond van deze wet een geheimhoudingsverplichting geldt.