1. De artikelen 7en 8zijn van overeenkomstige toepassing op de waarnemend korpsbeheerder.
2. De waarnemend korpsbeheerder die niet tevens burgemeester is, heeft ten laste van de regio recht op een vergoeding van de kosten gemaakt voor de uitoefening van zijn functie.
3. In het geval, bedoeld in het tweede lid, zijn de regels gesteld bij of krachtens de
artikelen 30,
31,
32en
34 van het Rechtspositiebesluit burgemeestersvan toepassing, met dien verstande dat wordt gelezen voor:
a. gemeente: regio,
b. burgemeester: waarnemend korpsbeheerder en
c. college van burgemeester en wethouders: regionaal college.
4. Bij ministeriële regeling kunnen over de vergoeding van de kosten van de waarnemend korpsbeheerder nadere regels worden gegeven.
5. Het tweede tot en met vierde lid zijn niet van toepassing voor zover de waarnemend korpsbeheerder reeds uit anderen hoofde recht heeft op een vergoeding van kosten als bedoeld in het tweede lid.