BWBR0022921
Geldig vanaf 01-12-2007
Artikel 23
Besluit tijdelijk financieel toezicht BES
1. Namens het eilandgebied is uitsluitend het hoofd Financiën van het eilandgebied of, bij zijn afwezigheid zijn eerste of tweede plaatsvervanger, bevoegd tot het verrichten van betalingen die voortvloeien uit door een bestuursorgaan aangegane financiële verplichtingen. Zij kunnen de eilandsontvanger machtigen de genoemde betalingen te verrichten.
2. Artikel 22, vierde en vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing op opdrachten van het bestuurscollege tot het doen van betalingen, bedoeld in het eerste lid.
3. In afwijking van het eerste lid kunnen betalingen door anderen dan de gemachtigden worden verricht voor zover zij contant betalen of gebruik maken van een bankpas of creditcard, onverminderd het bepaalde in het achtste lid.
4. Betalingen namens het eilandgebied, zowel onderling als aan derde partijen, worden uitsluitend verricht via het bancaire betalingsverkeer, behoudens het bepaalde in het derde lid.
5. Met de schriftelijke instemming van het College financieel toezicht en onder door hem te stellen voorwaarden kan van het vierde lid worden afgeweken.
6. Het bestuurscollege bevordert dat derde partijen hun betalingen aan het eilandgebied verrichten ten gunste van de betrokken ontvangstenrekening van het eilandgebied.
7. Ontvangen contante gelden en cheques worden op de dag van ontvangst gestort op de ontvangstenrekening van het eilandgebied.
8. Het doen van contante betalingen, het gebruik van bankpassen, creditcards, chippassen en andere elektronische betaalwijzen is, zonder voorafgaande schriftelijke instemming van het College financieel toezicht, niet toegestaan. In overleg met het bestuurscollege kan het College financieel toezicht voor het gebruik van een creditcard een bestedingslimiet vaststellen.
9. Betalingen namens het eilandgebied geschieden tegen voldoende kwijting.
10. Het als geldelijke betaling in ontvangst nemen van niet-geldelijke zaken is niet toegestaan. Met de schriftelijke instemming van het College financieel toezicht kan hiervan worden afgeweken.
11. Het afgeven aan derden en het in ontvangst nemen van derden van geldswaardige papieren in de vorm van effecten (aandelen en obligaties) geschiedt tegen een voldoende kwijting.
12. Het verlenen van voorschotten op aan derde partijen te verrichten betalingen geschiedt met inachtneming van door het College financieel toezicht na overleg met het bestuurscollege op te stellen regels inzake het verlenen van voorschotten.
2. Artikel 22, vierde en vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing op opdrachten van het bestuurscollege tot het doen van betalingen, bedoeld in het eerste lid.
3. In afwijking van het eerste lid kunnen betalingen door anderen dan de gemachtigden worden verricht voor zover zij contant betalen of gebruik maken van een bankpas of creditcard, onverminderd het bepaalde in het achtste lid.
4. Betalingen namens het eilandgebied, zowel onderling als aan derde partijen, worden uitsluitend verricht via het bancaire betalingsverkeer, behoudens het bepaalde in het derde lid.
5. Met de schriftelijke instemming van het College financieel toezicht en onder door hem te stellen voorwaarden kan van het vierde lid worden afgeweken.
6. Het bestuurscollege bevordert dat derde partijen hun betalingen aan het eilandgebied verrichten ten gunste van de betrokken ontvangstenrekening van het eilandgebied.
7. Ontvangen contante gelden en cheques worden op de dag van ontvangst gestort op de ontvangstenrekening van het eilandgebied.
8. Het doen van contante betalingen, het gebruik van bankpassen, creditcards, chippassen en andere elektronische betaalwijzen is, zonder voorafgaande schriftelijke instemming van het College financieel toezicht, niet toegestaan. In overleg met het bestuurscollege kan het College financieel toezicht voor het gebruik van een creditcard een bestedingslimiet vaststellen.
9. Betalingen namens het eilandgebied geschieden tegen voldoende kwijting.
10. Het als geldelijke betaling in ontvangst nemen van niet-geldelijke zaken is niet toegestaan. Met de schriftelijke instemming van het College financieel toezicht kan hiervan worden afgeweken.
11. Het afgeven aan derden en het in ontvangst nemen van derden van geldswaardige papieren in de vorm van effecten (aandelen en obligaties) geschiedt tegen een voldoende kwijting.
12. Het verlenen van voorschotten op aan derde partijen te verrichten betalingen geschiedt met inachtneming van door het College financieel toezicht na overleg met het bestuurscollege op te stellen regels inzake het verlenen van voorschotten.
- Citeren als
- Art. 23
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0022921
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl