BWBR0022607
Geldig vanaf 2007-10-17
Artikel 3
Organisatieregeling Ministerie van Justitie 2007
1. De secretaris-generaal is ambtelijk eindverantwoordelijk voor de leiding van de in artikel 2genoemde dienstonderdelen.
2. De secretaris-generaal wordt bij afwezigheid volledig vervangen door de plaatsvervangend secretaris-generaal. Daarnaast treedt de plaatsvervangend secretaris-generaal ten aanzien van door de secretaris-generaal vast te stellen taken in de bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de secretaris-generaal.
3. De directeuren-generaal zijn belast met de beleids- en bedrijfsvoering van de tot hun directoraat-generaal behorende onderdelen. Eén van de tot het directoraat-generaal behorende directeuren wordt op voordracht van de betreffende directeur-generaal namens de minister door de secretaris-generaal aangewezen als plaatsvervangend directeur-generaal. De eerste en tweede volzin zijn van overeenkomstige toepassing op de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding.
4. De secretaris-generaal (voorzitter), de plaatsvervangend secretaris-generaal en de directeuren-generaal vormen samen de bestuursraad. De bestuursraad formuleert de Justitiebrede en gemeenschappelijke kaders en bewaakt dat de activiteiten en het beleid van de onderscheiden directoraten-generaal daarbinnen blijven. De voorzitter van het College van procureurs-generaal neemt als toehoorder deel aan de bestuursraad.
5. In afwijking van het derde lid, tweede volzin, worden voor het directoraat-generaal Wetgeving, Internationale Aangelegenheden en Vreemdelingenzaken twee plaatsvervangend directeuren-generaal aangewezen, voor de terreinen Wetgeving en Internationale Aangelegenheden onderscheidenlijk Vreemdelingenzaken. De plaatsvervangend directeur-generaal Wetgeving en Internationale Aangelegenheden treedt op als eerste plaatsvervanger in de ministersstaf, de bestuursraad en de ondernemingsraad.
2. De secretaris-generaal wordt bij afwezigheid volledig vervangen door de plaatsvervangend secretaris-generaal. Daarnaast treedt de plaatsvervangend secretaris-generaal ten aanzien van door de secretaris-generaal vast te stellen taken in de bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de secretaris-generaal.
3. De directeuren-generaal zijn belast met de beleids- en bedrijfsvoering van de tot hun directoraat-generaal behorende onderdelen. Eén van de tot het directoraat-generaal behorende directeuren wordt op voordracht van de betreffende directeur-generaal namens de minister door de secretaris-generaal aangewezen als plaatsvervangend directeur-generaal. De eerste en tweede volzin zijn van overeenkomstige toepassing op de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding.
4. De secretaris-generaal (voorzitter), de plaatsvervangend secretaris-generaal en de directeuren-generaal vormen samen de bestuursraad. De bestuursraad formuleert de Justitiebrede en gemeenschappelijke kaders en bewaakt dat de activiteiten en het beleid van de onderscheiden directoraten-generaal daarbinnen blijven. De voorzitter van het College van procureurs-generaal neemt als toehoorder deel aan de bestuursraad.
5. In afwijking van het derde lid, tweede volzin, worden voor het directoraat-generaal Wetgeving, Internationale Aangelegenheden en Vreemdelingenzaken twee plaatsvervangend directeuren-generaal aangewezen, voor de terreinen Wetgeving en Internationale Aangelegenheden onderscheidenlijk Vreemdelingenzaken. De plaatsvervangend directeur-generaal Wetgeving en Internationale Aangelegenheden treedt op als eerste plaatsvervanger in de ministersstaf, de bestuursraad en de ondernemingsraad.