BWBR0022530
Geldig vanaf 2015-02-06
Artikel 25
Besluit gewasbeschermingsmiddelen en biociden
1. Een ieder die biociden, die niet zijn aangemerkt als geschikt voor niet-professioneel gebruik, voor gebruikers voorhanden heeft, ontvangt of toepast, houdt een administratie bij.
2. De administratie, bedoeld in het eerste lid, omvat ten minste de volgende gegevens:
a. de naam, zoals die op de verpakking is vermeld, en het toelatingsnummer,
b. de ontvangen of toegepaste hoeveelheden biociden,
c. de voorraad middelen op 1 januari van enig kalenderjaar,
d. de datum van ontvangst of toepassing als bedoeld in onderdeel b, en
e. de naam, het adres en de woonplaats van de leverancier of de gebruiker van de biocide.
3. De administratie bestrijkt een periode van de laatste vijf jaar.
4. Onze Minister kan categorieën van middelen uitzonderen van het gebod, bedoeld in het eerste lid.
5. Onze Minister kan bij ministeriële regeling aanvullende administratievoorschriften stellen.
2. De administratie, bedoeld in het eerste lid, omvat ten minste de volgende gegevens:
a. de naam, zoals die op de verpakking is vermeld, en het toelatingsnummer,
b. de ontvangen of toegepaste hoeveelheden biociden,
c. de voorraad middelen op 1 januari van enig kalenderjaar,
d. de datum van ontvangst of toepassing als bedoeld in onderdeel b, en
e. de naam, het adres en de woonplaats van de leverancier of de gebruiker van de biocide.
3. De administratie bestrijkt een periode van de laatste vijf jaar.
4. Onze Minister kan categorieën van middelen uitzonderen van het gebod, bedoeld in het eerste lid.
5. Onze Minister kan bij ministeriële regeling aanvullende administratievoorschriften stellen.